Klein mysterie van een pauw

Vriendin van Top Naeff bevat naast het titelverhaal nog het verhaal ‘Romance’. Het is tot een keurig boekje verwerkt dat voorop is getooid met de afbeelding van een pauw. Waarom is dit juist met dit verhaal zo gebeurd? 

 

Er zit een merkwaardige vogel verstopt tussen de papieren van Top Naeff. De meeste van haar handschriften lijken nogal op elkaar: losse, gelinieerde velletjes, soms nog in een schriftje, redelijk leesbare tekst met nu en dan een doorhaling, maar zelfbewust en netjes.
 

Maar er is een opvallende uitzondering. Het manuscript voor het korte verhaal ‘Romance’ is een keurig boekje, bijeengehouden door een groen touwtje en gestopt tussen twee kartonnetjes die met een goudkleurig lint aan elkaar bevestigd zijn. Daarop geschreven de titel ‘Romance’, in de vorm van een jugendstil-achtig ornament. En daarop weer is een kleurrijke pauw afgebeeld, zo te zien opgeplakt, en daarna netjes bijgewerkt aan de randjes. Het ziet er prachtig uit.

 

 

 

Ook de tekst is keurig netjes, geen doorhaling te bekennen. Een kladversie van het verhaal, dat is opgenomen in Vriendin (1920), is niet overgeleverd. Wie er met een romantische geest naar kijkt zou graag willen dat het in één keer in volmaakte vorm op papier kwam en werd vormgegeven. Maar zonder aan die romantiek te willen afdoen, roept het boekje toch twee vragen op. Om te beginnen: wie heeft dit gemaakt? En bovendien: waarom is het juist met dit verhaal gebeurd?

 

Hoewel de tekening niet is gesigneerd en datering ontbreekt, herkende biograaf Gé Vaartjes, aan wie ik het manuscript voorlegde, onmiddellijk de hand van Theo van Hoytema, illustrator, en maker van kalenders en prentenboeken. Het werk van Van Hoytema speelt een kleine maar toch wezenlijke rol in het leven van Naeff, door Vaartjes opgetekend in zijn biografie Rebel en dame.

 

Haar vader had haar, toen ze een jaar of zestien was, meegenomen naar De Groote Sociëteit in Gorcum, een vereniging waar vrouwen niet welkom waren. Ze genoot met volle teugen, vast ook mede dankzij het half-illegale van dit bezoekje. Vooral de muurschilderingen – twee imposante pauwen van Theo van Hoytema – maakten enorme indruk. Ze zou er voor de NRC van 22 januari 1916 over schrijven: ‘Vreemd-licht, als van verduisterde zon, nevelbleek, en in fierheid teer, doorluchte bruiden, met parelen besprenkeld, heur lijven gespreid, goud-doorgeschenen, zilverdoorregen, wijd-uit van hartstocht, eerzucht en trots.’

 

Toen ze echter, tijdens een etentje, vernam dat de muur te Gorcum inmiddels was overgeschilderd, was ze geschokt en ontdaan, zozeer dat ze zich nauwelijks kon beheersen: ‘Gehákt heb ik den vogel op mijn bord, letterlijk opnieuw geslacht, onttakeld en gevild, uit woede op het heelal!’

 

Theo van Hoytema, Pauw. Circa 1894, olie op canvas (Hertitage Auctions, HA.com)

 


Van Hoytema kreeg de krant onder ogen en was aangenaam verrast over de bewondering van de schrijfster, en hij schreef haar een briefje: ‘Na het voorlezen van uw vriendelijke feuilleton, was ik geheel beduusd over de emoties die mijn werk veroorzaakt had.’ Hij kon bovendien nog helpen ook; van de muurschilderingen waren reproducties, die hij haar stuurde, en die de pijn van het gemis iets verzachtten.

 

Dit speelde zich af in februari 1916, vlak nadat ‘Vriendin’ als los verhaal in De Gids was verschenen, en dus waarschijnlijk in dezelfde periode dat ze aan ‘Romance’ werkte. Er kwam blijkbaar nog een vervolg aan de vriendelijke uitwisseling maar daarover is geen correspondentie bewaard gebleven. Het boek zou verschijnen in de Literaire Luxe Reeks van Querido, met een omslag van J.B. Heukelom. Geen omslag van Van Hoytema dus, zijn pauw siert slechts het omslag van het handschrift.

 

 

 

Maar dan die andere kwestie: waarom juist dit verhaal? ‘Romance’ leest als een toegift bij ‘Vriendin’, de hoofdmoot van het boek, waarin ook een geheime liefdesverhouding centraal staat. Het verhaal, kort: Marie van Drunen, de verteller, is vol van haar vriendin Constance, Conny, zozeer dat ze zich van het hele stadje eigenlijk alleen haar eigen huis en dat van haar herinnert. Het is een stimulerende vriendschap met goede gesprekken, die aanvankelijk een beetje onevenwichtig is, maar dat verandert. Uiteindelijk zelfs zozeer dat wanneer Conny een tijdje weggaat om een zieke vriendin bij te staan, Marie haar plaats in het huishouden inneemt om voor man en kinderen te zorgen.

 

Dat zij na Conny’s dood de trouwring krijgt, en de brieven, is dan ook geen schok. Wel de inhoud van de brieven, waarin Conny haar overspel opbiecht: ‘Ik wil er na mijn dood niet langer om liegen tegen jou. En dan vraag ik je om die brieven voor mij te verbranden en mij te vergeven, dat ik je zoo lang heb misleid.’ In totale verwarring, maar met evenveel liefde voor haar vriendin, blijft Marie achter. Moest ze leven met een leugen? Heeft de discretie niet ook juist veel ellende voorkomen?

 

Volgens Gé Vaartjes is het verhaal een directe verwerking van wat Naeff zelf voelde en meemaakte. Zijzelf was getrouwd met een degelijke huisarts, en bleef dat, zelfs al raakte ze danig in de ban van regisseur en acteur Willem Royaards. ‘“Vriendin” is een maskerade van haar gevoelens en gedachten in die tijd. […] Het verhaal bevat woorden en zinsneden die verwijzen naar de situatie waarin Top nu al enkele jaren verkeerde: die van een passie die geen vleugels kon uitslaan, een hartstocht die niet alleen gekooid was, maar ook was afgeschermd voor de buitenwacht. Met pijnlijke triomf beschreef Top Naeff in “Vriendin” het succes van haar onbemerkte dubbelleven.’

 

Top Naeff in haar huis aan de Johan de Wittstraat te Dordrecht. Collectie Literatuurmuseum

 

 

Ook ‘Romance’ is het verhaal van een liefde die de ruimte niet krijgt. Het gaat over een gravin die valt voor een markies, die voor zijn werk naar Japan wordt gestuurd, nota bene door haar echtgenoot. Tientallen jaren later, zij is oud en reumatisch, keert de markies terug om haar regelmatig te bezoeken. Soms gaan ze wandelen, zij in een karretje, hij te voet, en bij slecht weer spreken ze af in de salon. De vonk van vroeger is er nog, maar het is te laat, ze is ziek, en sterft, haar koude handen in de zijne.

 

Een subtiel klein melodrama – en ook een fraaie spiegel van ‘Vriendin’, een variatie op het thema. Het verhaal werd goed ontvangen in de kritiek: ‘Het korte verhaal Romance, dat in zichzelve een volledige roman is van liefde, toewijding, ontbering en berusting, – een berusting soms schooner dan de vervulling zelve, – is van een fijne en teedere noblesse, die men in de Hollandsche literaire kunst slechts zelden aantreft,’ schreef Jeanne Kloos-Reyneke van Stuwe in De Nieuwe Gids en ook Martinus Nijhoff betoonde zich in zijn rubriek in Het nieuws van de dag onder de indruk: ‘een korte, fijne novelle’. Ook privé mocht ze de nodige lof ontvangen: Rik en Henriette Roland Holst, Ina Boudier-Bakker, Augusta de Wit en Johan de Meester schreven haar enthousiaste brieven over ‘Vriendin’.

 

Karel van de Woestijne noemde het in NRC ‘een innig verhaal’ – hij hoorde het in 1926 op een voorleesavond in Gent. Op dat moment bestond het verhaal al meer dan zes jaar in boekvorm en was het waarschijnlijk al zo’n tien jaar oud. Ze bleef het trouw, dit kleine verhaal over haar liefste onderwerp, genoteerd in een mooi boekje met haar lievelingsdier op het omslag. Over hoe dat allemaal precies tot stand kwam, zwijgt de nalatenschap discreet – net zo discreet als Top Naeffs personages.