Jan G.
Elburg

1976

Constantijn Huygens-prijs
Dichter Jan G. Elburg (1919-1992) kreeg de Constantijn Huygens-prijs 1976 voor zijn gehele oeuvre.

Jan G. Elburg debuteerde in 1942 in het tijdschrift Criterium en ook zijn clandestien uitgegeven bundel Serenade (1943) was nog traditioneel te noemen. Na de oorlog werd zijn werk experimenteler en surrealistischer. In 1948 kreeg hij de allereerste Jan Campertprijs voor zijn bundel Klein t(er)reurspel (1947).

 

Met mede-Vijftigers Lucebert, Gerrit Kouwenaar en Bert Schierbeek stond Elburg in 1949 in de dichterskooi tijdens de opening van de Cobra-tentoonstelling in het Stedelijk Museum. De experimentelen lazen poëzie in hun zwartgeschilderde ‘poet’s cage’, met daarin groot de slogan: ‘Er is een lyriek die wij afschaffen’. Als enige van hen nam hij ook als beeldend kunstenaar deel. In 1948-1949 was Elburg een van de redacteuren van het tijdschrift Reflex, ‘Orgaan van de Experimentele Groep in Holland’. Later werd hij redacteur van de literaire tijdschriften Het Woord en Podium. In 1959 ontving hij de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam voor de bundel Hebben en zijn en in 1970 kreeg hij de Feniksprijs voor zijn gehele oeuvre.

 

In 1976 gaf Jan Elburg al ruim twintig jaar les aan het Instituut voor Kunstnijverheidsonderwijs, dat na 1967 de Rietveldacademie werd, en had hij een flink aantal bundels gepubliceerd. Uit zijn verzameld werk gedichten 1950-1975 bleek volgens de jury ‘welke bijzondere plaats Elburg in deze generatie der sterken inneemt. Het is verleidelijk hem naast Lucebert, de Keizer der Vijftigers tot Paus der Vijftigers te verheffen: bij hem immers geen opzienbarende veldslagen, maar wel banvloeken en zaligverklaringen en vooral… een profetische rol. (…) Als nuchter en steeds meer nuchter geworden idealist is Elburg altijd geobsedeerd gebleven door de taal, de woorden en zegswijzen, al wijst hij deze laatsten bij voorkeur de andere kant op.’

Jury

Van de jury maakten deel uit: Gerrit Borgers, Pierre H. Dubois, Jacques den Haan, Gerrit Kamphuis, André Matthijsse, Harry Scholten en Paul de Wispelaere.

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 7.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op zaterdagavond 18 december 1976 in het Haagse stadhuis.