Kees
Simhoffer

1973

F. Bordewijk-prijs
Kees Simhoffer (1934-2002) kreeg de F. Bordewijk-prijs 1973 (toen nog Vijverberg-prijs genoemd) voor de roman Een geile gifkikker.

Een geile gifkikker (1973) is een uitbreiding en verdere ontwikkeling van De knijpkat, Simhoffers debuut uit 1971, aldus de jury. Zijn sterk geladen werk kenmerkt zich door cynische humor en grillige fantasie en ‘het is duidelijk dat met Kees Simhoffer een schrijver van formaat aan het woord gekomen is’. 

 

Hoofdpersoon is Rudolf Ruitewasser, een man met een ongeneeslijke hersentumor die smerige realiteit van het wereldnieuws niet aankan. De roman heeft de vorm van een intens droomrelaas, doorweven met flarden uit de beperkte werkelijkheid van de zieke. Simhoffer nam een motto op van Henry Miller: ‘De droom blijft leven, nadat het lichaam is begraven.’

 

Het is nog steeds pikkedonker. En ik heb slaap. Ik verrek van de slaap. Tussen de spijlen van het bed door, zie ik de lichten van de lantaarns aan de overkant groter worden. Waarom stopte die dokter me in bed, als het zo druk is op de weg? Als die klootzak niet dimt, zitten we straks boven op elkaar. Maar het is al te laat. Mijn achterhoofd slaat tegen het hoofdeind. De spijlen aan het voeteind breken als lucifers. Mijn vrouw slaat uit bed op de slaapkamermat, haar hals in een rare knik. Aan het voeteind gekreun. Een vreemde vent in bed. Het is de instrukteur. Waarom dimde u niet? Maar als ie zijn mond open wil doen, komt er een brede golf bloed uit dat de lakens kleurt. En hij heeft nog steeds groot licht.

 

De roman ‘obsedeert door de spanning, die tegelijk een wisselwerking is, tussen het reële en surreële, tussen de droom en de werkelijkheid en tussen het persoonlijke en het wereldgebeuren, zodat een grote mate van volledigheid ontstaat, al betreft het gebeurtenissen die zich voornamelijk binnen het hoofd van de schrijver als reactie op de buitenwereld afspelen,’ aldus de jury. Dankzij de onmiskenbare zelfspot en humor ‘bij tijden even lachwekkend als huiveringwekkend’.

 

‘Een helse prestatie’, noemde J.J. Oversteegen het boek in De Waarheid. Simhoffer heeft de lezer niet het bewustzijn van een zieke willen voorspiegelen, maar geeft een ‘kaleidoscopisch beeld waarin alle ellende van de wereld lijkt te zijn samengeperst’. Recensent en schrijver Ab Visser noemde Een geile gifkikker een roman ‘boordevol actualiteiten, zij het bepaald niet van de prettigste soort, die [Simhoffer] ondanks de absurdistische fantasie, in bevattelijke, bezielde banen heeft weten te leiden’ (Leeuwarder Courant). 

 

Simhoffer debuteerde in 1965 met de dichtbundel Woorden van aarde en publiceerde in 1967 de verhalenbundel Een been onder het zand. In 1971 was zijn jeugdstuk De laatste bloem of De torenflat van Babel te zien, uitgevoerd door Toneelwerkgroep Proloog, een associatieve theaterproductie over kinderen, huisvesting, oorlog en macht. In 1972 behoorde hij met Judith Herzberg tot de eerste tekstschrijvers die betrokken werden bij Toneelgroep de Appel in oprichting, van o.a. regisseur Erik Vos. 

 

Jury

Van de jury maakten deel uit: Gerrit Borgers, Pierre H. Dubois, Jacques den Haan en Harry Scholten.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 3.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op woensdagavond 19 december 1973 in het Haagse stadhuis.

 

Credits portretfoto: Literatuurmuseum