Marcel
Möring

2007

F. Bordewijk-prijs
Marcel Möring (1957) heeft de F. Bordewijk-prijs 2007 ontvangen voor zijn roman Dis

‘Een adembenemende en hallucinerende roman over een Joodse overlever tegen de infernale achtergrond van een TT-nacht in Assen, een stad die je na lezing van Dis niet meer onbevangen kunt bezoeken,’ schreef de jury. 

 

Dis (2006) is een roman over twee joodse mannen in Assen, die zich afspeelt in de nacht voor de TT-races van 1980. Het experimentele epos zit vol verwijzingen naar de wereldliteratuur: zoals Dante Alighieri afdaalt naar Dis, de stad in de hel, daalt hoofdpersoon Jakob Noach, die de oorlogsjaren ondergedoken zat in een hol in de grond, steeds verder af in de ‘hel’ van Assen. Hij kruist het pad van de jongere intellectueel Marcus Kolpa, die na tien jaar terugkeert in de stad waar hij een ongelukkige jeugd doorbracht. 

 

Het is Mörings ambitie om de complexiteit van het menselijk bestaan in kaart brengen, en met Dis schreef hij ‘een van de meest ambitieuze experimenten in de naoorlogse literatuur’, schrijft Nico van der Sijde in het begeleidend essay. ‘Het vormenspel van Dis is een poging om voorbij het zegbare te tasten, om naar het ongrijpbare te grijpen, om “iets” zichtbaar te maken op de rand van ons voorstellingsvermogen.’ Möring ‘rekt de taal zodanig op dat de lezer zijn houvast verliest, en “toont” daarmee een complexiteit die zich niet goed laat “zeggen”’. 

 

‘Nu is altijd’, dát is de kern van Dis: ‘acceptatie van het grillige en onbegrijpelijke bestaan,’ schrijft Van der Sijde. De personages voelen zich ‘willoos wrakhout in de stroom van de geschiedenis’: ze kunnen hun eigen keuzes niet goed verklaren of alleen achteraf begrijpen. De vele flashbacks zorgen voor de suggestie dat het ‘nu’ ongrijpbaar blijft. Het leven is ‘een tragikomische hel, een doelloos panta rhei waarin alles betekenisloos stroomt. En toch is die hel ook fascinerend: met name Noach ontvlucht hem uiteindelijk niet, maar accepteert en observeert hem. Deze fascinatie en aanvaarding spreken uit de roman als geheel: het donkere “leven” wordt niet ontvlucht, maar in een bont carnaval van groteske taferelen ten tonele gevoerd.’ 

 

In De Groene Amsterdammer toonde Graa Boomsma onder de indruk van Mörings ‘meesterlijke roman’: ‘Briljant, overrompelend, gewaagd, brutaal. En dat blijft zo, vijfhonderd bladzijden lang. Dat is schrijven met scherp.’

 

Marcel Möring debuteerde met de roman Mendels erfenis (1990), waarvoor hij de Geertjan Lubberhuizenprijs ontving. Zijn tweede roman Het grote verlangen (1992) werd bekroond met de AKO Literatuurprijs. Voor zijn roman In Babylon (1997) kreeg hij de Gouden Uil en de jonge Gouden Uil. Möring schreef ook novellen en verhalen. Zijn novelle East Bergholt werd bekroond met de Engelse Aga Khan Prize. Dis werd genomineerd voor de AKO Literatuurprijs. 

 

Jury

Van de jury onder voorzitterschap van Anton Korteweg maakten deel uit: Yra van Dijk, Hans Groenewegen, Koen Hilberdink, Aukje Holtrop, Ena Jansen, Jos Joosten, Annemie Leysen en Lut Missinne.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 5.000 euro verbonden. De feestelijke prijsuitreiking vond plaats op zondag 9 maart 2008 tijdens literair festival Het Voorwoord in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag. 

 

Credits portretfoto: Rop te Riet