Hans
van de Waarsenburg

1973

Jan Campert-prijs
Hans van de Waarsenburg (1943-2015) kreeg de Jan Campert-prijs 1973 voor De vergrijzing.

‘De al in zijn vroegere werk aanwezige kwaliteiten [werden] nu in een bredere thematiek zichtbaar,’ oordeelde de jury. Zijn ‘persoonlijk geluid wordt met name bepaald door een gevarieerd en authentiek beeldend vermogen, waarin hij een strijdbare poëzie gestalte geeft die zich onderscheidt van de zich vaak in ironie buiten schot houdende verskunst van velen zijne generatiegenoten. In de bundel De vergrijzing zijn eigen toon en engagement volop aanwezig. Wel blijkt de strijdlust daarbij – zoals de titel al suggereert – van een felkleurig élan ontdaan, maar het is niet de schutkleur van de buitenstaander geworden. Al zijn “de flacons van de revolutie op de vuilnisbelt” beland, de ervaring van het verval betekent geen aanvaarding en knaagt in zijn simpele registratie des te heviger.’ 

 

In 1965 debuteerde Hans van Waarsenburg met de bundel Gedichten bij de net opgerichte uitgeverij Opwenteling in Eindhoven. In 1971 waren bij Nijgh & Van Ditmar zijn verzamelde gedichten Eenenzestig-negenenzestig powezie verschenen, met een inleiding van Kees Simhoffer, laureaat van de Vijverberg-prijs 1973. Hij besprak in 1970 de eerste twee links-geëngageerde bundels in het tijdschrift Streven: ‘Het sympathieke van deze poëzie is het onverhulde engagement en het betrouwbare ervan is, dat dit engagement bijna steeds het gevolg is van de bovengenoemde “schaalvergroting” van het eigen denken. De agressiviteit van deze gedichten is namelijk altijd authentiek, omdat de eigen leefwereld (en het onbehagen daarmee) de belangrijkste rol speelt.’ 

 

Protest, woede en melancholie beheersten zijn poëzie vanaf het debuut, schreef Jan van der Vegt in Ons Erfdeel. De vergrijzing (1972) was tot nu ‘stellig de gaafste bundel’. ‘Het is een bundel met wintergedichten, niet alleen omdat ze over kou of winter gaan, maar ook naar hun aard. De sfeer is grijs, somber, af en toe grillig belicht door spot en bijtende ironie.’  

Jury

Van de jury maakten deel uit: Gerrit Borgers, Pierre H. Dubois, Jacques den Haan en Harry Scholten.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 3.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op woensdagavond 19 december 1973 in het Haagse stadhuis. 

 

Credits portretfoto: Ben Wolson / Literatuurmuseum