Roland
Jooris

1979

Jan Campert-prijs
Roland Jooris (1936) kreeg de Jan Campert-prijs 1979 voor de bundel Gedichten 1958-’78.

Minimal 

 

Vogel wipt. 

Tak kraakt. 

Lucht betrekt. 

 

Bijna niets 

om naar te kijken 

en juist dat 

bekijk ik. 

 

Kees Fens gebruikte voor de nieuw-realisten de term ‘ascese van waarneming’. Volgens de jury zou voor de Vlaamse dichter Roland Jooris, die in 1976 de Tweejaarlijkse poëzieprijs van De Vlaamse Gids ontving, hieraan de ‘ascese van uitdrukking’ kunnen worden toegevoegd. Naast een ‘verholen humor’ valt in zijn werk de visuele oriëntatie op. Jooris’ verzamelde gedichten verschenen in 1978. 

 

Roland Jooris debuteerde in 1956 met de bundel Gitaar, die hij net als de opvolger Bluebird (1958) in eigen beheer uitbracht. Pas in zijn volgende dichtbundel, Een konsumptief landschap, ruim tien jaar later, was er echt sprake van een eigen stem, schrijft Hugo Brems in het begeleidend essay. De bundel werd net als de volgende twee uitgegeven in de Yang-poëziereeks. Jooris was redacteur beeldende kunst van de tijdschriften Yang en Kreatief. Beeldende kunst speelt een rol in zijn poëzie, hij liet zich door kunstenaars inspireren en nam werk van hen op in zijn bundels, bijvoorbeeld zeefdrukken van Raoul De Keyser in More is less. Hij had een groot aantal kunstpublicaties op zijn naam staan en gold als woordvoerder van de Nieuwe Visie-beweging: de schilders Roger Raveel, Reinier Lucassen, De Keyser en Etienne Elias. In 1971 en 1972 nam hij met zgn. ‘schilderij-gedichten’ deel aan kunstmanifestaties. 

 

In haar uitgebreide verslag leek de jury ook iets te willen rechtzetten. ‘Deze poëziebundel van Roland Jooris doet ons beseffen dat er in de Nederlandse letterkunde nog altijd een hinderlijke adervernauwing bestaat, die ongeveer te localiseren is bij het plaatsje met de dichterlijke naam Roosendaal. Deze bundel bevat nl. een keuze uit een vijftal bundels die nauwelijks tot het Noorden zijn doorgedrongen (…). En niet alleen de gedichten van Roland Jooris zijn bij Wuustwezel blijven steken, zelfs een hele stroming – het Vlaamse Nieuw-Realisme – waarvan Jooris een der meest overtuigende vertegenwoordigers is. U zult zeggen: door Barbarber, Gard Sivik en De Nieuwe Stijl waren de neo-realisten toch al kind in huis boven de Moerdijk? Ja, maar de constatering dat deze stroming in het Zuiden een volkomen ei heeft, is nauwelijks door de Maastunnel gekomen. Het Nieuw-Realisme is in Noord en Zuid gekenmerkt door een feitelijke benadering van de alledaagse werkelijkheid, maar in Vlaanderen was deze stroming van het begin af anders van mentaliteit: menselijker, warmer en gevoelsmatiger. Dit menselijke aspect, dat ook bij Jooris in sterke mate aanwezig is, bestaat in het samengaan van objectiviteit in de weergave van de realiteit met een ironiserende subjectiviteit.’  

Jury

Van de jury maakten deel uit: Gerrit Borgers, Pierre H. Dubois, Jacques den Haan, Gerrit Kamphuis, Anton Korteweg, André Matthijsse en Paul de Wispelaere.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 4.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op woensdagavond 19 december 1979 in het Haagse stadhuis. 

 

Credits portretfoto: Hans van Dijk / Anefo