Toon
Tellegen

1993

Jan Campert-prijs
Toon Tellegen (1941) heeft de Jan Campert-prijs 1993 ontvangen voor zijn bundel Een dansschool.

‘Het is duidelijk dat in de dansschool van het leven niet alles rozegeur en maneschijn is,’ schreef Remco Ekkers over Een dansschool (1992) in de Poëziekrant. ‘Er is aantrekking en afstoting, jaloezie, angst, grootspraak, wanhoop en vooral verwarring. Mannen en vrouwen weten niet goed hoe ze met elkaar om moeten gaan: ze “zijn vreemdelingen, misschien wel vijanden”. Ze proberen van alles, maar er gaat meestal iets fout en dat heeft schrikbarende gevolgen. De geslachten dagen elkaar uit om tot over de grens te gaan, nemen elkaar gevangen, zijn dodelijk voor elkaar.  

 

Als de dansschool een metafoor is voor het leven, denk je in de eerste plaats aan de strijd tussen de geslachten. Maar ook de strijd van beide geslachten met de dood of de zin van het leven vindt zijn beeld in de metafoor. Dansen is een uiting van erotisch verlangen, maar in oude culturen is de dans ook verbonden met magische en religieuze voorstellingen, een bezweringsritueel bij ziekte, droogte en onvruchtbaarheid. In de dans zocht de mens contact met de goden.’ 

 

Ekkers verbindt zo de gedichten met de dierenverhalen van Tellegen: ‘Die behoren wezenlijk tot zijn oeuvre, want ze zijn evenzeer geschreven vanuit een persoonlijke mythologie die fascineert en ons voor raadsels stelt. Er gebeuren even wonderlijke dingen in de “eekhoornverhalen” als in de gedichten voor volwassenen. Maar in de gedichten ligt het perspectief bij de volwassen dichter.’ 

 

‘Zijn poëzie is bij voorbeeld verre van gewichtig, heeft niets van dichterlijke aanstellerij of overmoed; zelfs de meest dramatische situaties hebben daarin iets luchtigs, geven je het gevoel dat het zo ernstig niet is, dat alles ook weer overgaat,’ schreef Ad Zuiderent in Trouw. ‘Maar ook dat alles anders is dan je denkt. Als je daar gevoelig voor bent, zijn zij verontrustend.’ 

 

‘Aangezien de Jan Campertprijs juist is ingesteld ter bekroning van een dichtbundel, moet Toon Tellegen, de jongste laureaat, wel een dichter zijn,’ schreef Dirk de Geest in het begeleidend essay. Sinds zijn debuut in 1980 heeft Tellegen negen bundels gepubliceerd waarin hij ‘zeer eigenzinnige poëzie schrijft, die nauwelijks vergeleken kan worden met die van andere Nederlandse dichters’. Maar voor zijn gehele oeuvre ontwijkt Tellegen het predicaat ‘dichter’, en positioneert hij zich eerder als ‘auteur van kinderboeken’. De Geest positioneert Een dansschool (1992) dan ook als ‘een bouwsteentje’ dat iets toevoegt ‘aan een consistent oeuvre, een zoveelste schakering eerder dan een verrassend nieuw gegeven’: ‘De wereld van Tellegen [vertoont] een sterk eigenzinnig en daardoor herkenbaar karakter. Personages, ruimte, tijd en handelingen krijgen een enigszins andere draagwijdte dan in de ons vertrouwde, “normale” wereld, zonder dat evenwel sprake zou zijn van een fantastische anti-wereld. Integendeel, de essentiële kracht van Tellegens oeuvre ligt juist in de wijze waarop het gestalte geeft aan het intense spanningsveld tussen enerzijds “ons” universum, waarin lezers zichzelf menen thuis te voelen, en anderzijds die diverse onwaarschijnlijke maar niettemin “mogelijke” werelden.’ 

 

‘Toon Tellegen brengt in zijn literaire teksten dat onbegrensbare gebied op haast onnavolgbare wijze in de praktijk,’ concludeerde De Geest. ‘Misschien beoogt het lyrische oeuvre van Tellegen uiteindelijk wel dat: heel even de illusie creëren van een perfect patroon, een evenwicht tussen tragiek en komiek, tussen leven en dood. Zich wringen in vruchteloze, mooie bochten… En de rest is stilte, veelbetekenend en zwaar: 

 

De een zei, heel zachtjes: 

‘Zal ik maar weggaan?’ 

‘Ja,’ zei de ander, nog zachter. 

 

‘Zal ik nog terugkomen?’ 

vroeg de een, bijna onhoorbaar. 

Ja, dacht de ander 

en schudde haar hoofd.’ 

 

Toon Tellegen is dichter, kinderboekenschrijver en schrijver van proza en toneel voor volwassenen. Hij debuteerde in 1980 met de dichtbundel De zin van een liguster. Zijn eerste bundel dierenverhalen Er ging geen dag voorbij (1984) schreef hij voor kinderen, maar deze vond ook een groot publiek onder volwassenen.  

Jury

De jury bestond uit: Harry Bekkering, Hugo Brems, Han Foppe, Anton Korteweg, Janet Luis, Nicolette Smabers, Sarah Verroen, Paul de Wispelaere en Ad Zuiderent.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 5.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op vrijdagavond 17 december 1993 in Den Haag. 

 

Credits portretfoto: Hans Vermeulen