Gerrit
Komrij

1993

P.C. Hooft-prijs
Op 21 mei 1993 werd in het Letterkundig Museum in Den Haag de P.C. Hooft-prijs, dit jaar bestemd voor beschouwend proza, uitgereikt aan Gerrit Komrij.

De P.C. Hooft-prijs 1993 voor het oeuvre van Gerrit Komrij is toegekend op voordracht van een jury bestaande uit W. J. Bronzwaer, Maarten van Buuren, Jaap van Heerden, W. Otterspeer, Carel Peeters (voorzitter) en Aad Meinderts (ambtelijk secretaris). Aan de prijs is een bedrag verbonden van fl. 125.000 (waarvan fl. 50.000 voor een specifiek literair doel).

 

Gerrit Jan (Gerrit) Komrij (Winterswijk, 30 maart 1944), groeide op in een arbeidersgezin als jongste van twee broers. Hij begon aan een studie Nederlands en Algemene Literatuurwetenschap, maar maakte die niet af. Van 1965 tot 1967 verbleef hij op Kreta waar hij werkte als tolk en leraar vreemde talen. Daarna vestigde hij zich in Amsterdam, waar hij ging dichten en vertalen. In de jaren zeventig en tachtig ontplooide hij zich ook als criticus, polemist, columnist, toneelschrijver, tijdschriftredacteur, poëziebloemlezer en romanschrijver. In 1996 stelde Komrij een tentoonstelling samen uit de collectie van het Stedelijk Museum. In 2002 ontving hij een eredoctoraat van de universiteit van Leiden. Van 2000 tot 2005 was hij Dichter des Vaderlands. In het kader van die erefunctie schreef hij vier keer per jaar een gedicht naar aanleiding van een gebeurtenis van nationale omvang. Door Kees Fens werd hij gekenschetst als ‘een eenmansbedrijf met een ongekend hoge productie.’ Komrij woont afwisselend in Portugal en Nederland, samen met beeldend kunstenaar Charles Leopold Hofman.

 

Het werk van Komrij is veelvuldig bekroond. Hij ontving twee poëzieprijzen voor afzonderlijke bundels, twee prijzen voor afzonderlijke essaybundels en twee oeuvreprijzen: de Frans Erensprijs voor zijn beschouwend proza en de Kluwerprijs voor zijn bijzondere omgang met taal. Op de vraag of hij niet liever de P.C. Hooft-prijs voor poëzie zou hebben gekregen, antwoordde hij: ‘Je kunt niet alles hebben.’

Fragment uit het juryrapport

In het juryrapport wordt Gerrit Komrij geprezen om de brille, het stijlgevoel, het vernuft, de afwisseling en de effectiviteit waarmee hij essays en columns heeft geschreven. Daarmee heeft hij deze genres, in de ogen van de jury, hun intellectuele en subversieve waardigheid teruggegeven en heeft hij zich geplaatst in de rij van Multatuli, Busken Huet en Du Perron. ‘De lading van zijn essays en columns ontstaat uit de wetenschap dat de kunstenaar in een permanent polemische verhouding staat tot de maatschappij.’ Ook is er veel oog voor de literaire kwaliteit, de omvang en de vitaliteit van Komrij’s essayistische oeuvre.
 

De volledige tekst van het juryrapport is te vinden in Gerrit Komrij P.C Hooft-prijs 1993, uitgegeven door de Stichting P.C. Hooft-prijs en De Arbeiderspers.

Uitreiking

De prijs is uitgereikt op een feestelijke bijeenkomst in het Letterkundig Museum, op 21 mei 1993, de sterfdag van de naamgever van de prijs, de dichter P.C. Hooft (1581-1647), onze grootste renaissancedichter.

 

Dankwoord

Het dankwoord door Gerrit Komrij is te vinden in is te vinden in Gerrit Komrij P.C Hooft-prijs 1993, uitgegeven door de Stichting P.C. Hooft-prijs en De Arbeiderspers.

 

 

 

Credits portretfoto: Hans van Dijk / Anefo / Nationaal Archief, CC0