Bert Natter

(1968)

Dat iemand die zo veel blijk heeft gegeven van de liefde voor literatuur in staat is gebleken er ook daadwerkelijk iets aan toe te voegen, is een bijzonder gegeven, dat gekoesterd mag worden. Voor Bert Natter geldt juist dat: hij is niet zo’n schrijver die zegt nooit te lezen. Hij is een liefhebber. Maar vooral is hij een schrijver die met spectaculaire romans echt iets bijdraagt aan de levendigheid van de Nederlandstalige letteren.

Vervaardigd ongedateerd
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 55 x 45 cm

Bert Natter

door Jean Marie Mersmans (1953)

‘Natter heeft durf en moed; moeiteloos zwenkt hij heen en weer tussen verleden en heden, tussen humor en ernst,' zo argumenteert de jury die Bert Natter de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs toekent voor zijn literaire debuut Begeerte heeft ons aangeraakt uit 2008. Ze spreken de verwachting uit dat het boek ‘het begin markeert van een beloftevolle literaire toekomst’. Er volgen inderdaad meer romans, waaronder Goldberg en Ze zullen denken dat we engelen zijn.

Maar al ver voor in 2008 Begeerte heeft ons aangeraakt verscheen, was Natter actief in het literaire veld. Hij schreef columns, essays en artikelen voor onder meer De Revisor en literair poptijdschrift Wah Wah, werkte bij enkele uitgeverijen en was hoofdredacteur van het spoorblad Rails.

De literaire ambities waren er nog veel langer. Al vanaf de middelbare school bereidde hij zich met vriend Ronald Giphart – overigens ook door Mersmans geportretteerd – voor op een leven in de letteren. Samen schreven ze toneelstukken, maakte bewust foto's ‘voor later' (alvast voor in het Literatuurmuseum). Ook produceerden ze – met tekenaar Jean-Marc van Tol, van de strip Fokke & Sukke – een alternatieve schoolkrant voor het Goois Lyceum. Uiteindelijk zouden Natter en Giphart samen enkele boeken publiceren waaronder het tot cultboek verheven Kwadraats Groot Literair Lees Kijk Knutsel en Doe Vakantieboek uit 1993 en twee jaar later het satirische De beste schrijver van Nederland.

Dit portret is gemaakt door Jean Marie Mersmans. De schilder kent Natter uit Baarn via hun kinderen. Zoals altijd bij Mersmans – die overigens ook Giphart portretteerde – is er voor dit portret geposeerd, hij werkt nooit van foto’s. Hij vereeuwigde Natter zijn lievelingsbloes. ‘Die heeft hij altijd aan, ook naar optredens.’