Elisabeth Cheixaou

(1907-1997)

Elisabeth Cheixaou is het pseudoniem van Bonny C. Elisabeth de Graaf-Boukema. Over de gekozen naam zei ze: ‘De naam Cheixaou is de naam van mijn overgrootmoeder, die waarschijnlijk uit Litouwen of Polen stamde. Fonetisch wordt het uitgesproken als “sjeikzou”.’ Een voorloper was ze niet, maar bij teruglezen blijken de gedichten tijdlozer dan haar bekendheid.

Vervaardigd 1958
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 100 x 81 cm

Elisabeth Cheixaou

door Ietske Richters (1912-1997)

De christelijke dichteres Elisabeth Cheixaou debuteerde in 1946 met de bundel Witte donderdag en in de jaren vijftig en zestig volgde nog een groot aantal bundels. ‘In haar poëzie spreekt zij zich naar haar vrouwelijke, haar menselijke zelfvoltooiing toe, tegelijk een romantische aristocrate en een esthetische profetes,’ schreef criticus K. Heeroma in 1980 in de Moderne Encyclopedie der Wereldliteratuur. De waardering was van korte duur; in latere overzichtswerken komt haar naam al niet meer voor.

Schilderes Ietske Richters zou in 1963, vijf jaar nadat ze dit portret maakte, het omslag verzorgen voor de poëziebundel Wijn, naar een van de bekendste gedichten van Cheixaou, dat ten tijde van dit portret al geschreven was. Is dat de reden dat Richters de dichteres hier afbeeldt met een wijnblad en een tros druiven, in de christelijke iconografie het symbool van het Laatste Avondmaal? Het rijpen van de druiven en het opgroeien van de jonge vrouw worden met elkaar vergelijken, wanneer Cheiixaou schrijft dat ‘lijf en ziel / Als trossen rijpten aan Gods hemelmuur’. Wanneer wordt ze geplukt? En hoe dubbelzinnig mogen we lezen wanner ze schrijft dat ze ‘trilde toe naar de uitgestoken hand, // Die mij wou plukken en niet heeft geplukt’?

Ietske Richters was de dochter van schilder en glazenier Marius Richters en zus van beeldhouwer Han Richters. Het gastvrije kunstenaarsgezin woonde in de polder bij Rotterdam en over de jonge Ietske werd al gezegd dat ze ‘alles op alles zette om portretschilderes te worden’. De schrijfster en schilderes zullen elkaar hebben leren kennen in de kringen rond het protestants-christelijke tijdschrift Ontmoeting, waarin zowel Marius Richters als Cheixaou veelvuldig publiceerde.