F. Starik

(1958-2018)

F. Starik (ps. van Frank von der Möhlen) schreef romans, maakte muziek, was een performer, fotograaf, beeldend kunstenaar, coördineerde ‘De Eenzame Uitvaart’ in Amsterdam, maar bovenal was hij een van de meest levendige en eigenzinnige dichters die de poëtische jaren tachtig hebben opgeleverd.

Vervaardigd circa 2005
Techniek Waskrijt op papier
Afmetingen 40 x 30 cm

F. Starik

door Jans Muskee (1961)

F. Starik was een exuberante romanticus die zijn poëzie vol vuur over het voetlicht bracht, en die naar eigen zeggen ‘goed met de dood’ was. Hij debuteerde als dichter in 1987 met de bundel Nepvuur. Hij was ook aanwezig in de bloemlezing met maximale poëzie die een jaar later verscheen, maar wel als fotograaf. Het tekent zijn onvoorspelbaarheid: Starik was er altijd bij, maar vaak niet op een manier die je had kunnen zien aankomen. Hij was in 2010-2011 Stadsdichter van Amsterdam, wat in zekere zin ook een bekroning was voor zijn werk als organisator van de ‘Poule des doods’, een groep dichters die uitvaarten opluisterden waarvoor geen nabestaanden gevonden waren.

Het portret is van de Drentse kunstenaar Jans Muskee die vaak realistisch te werk gaat en voor deze gelegenheid de werkelijkheid een bijzondere draai meegaf. Starik verwoordde zijn reactie in het gedicht ‘Portret’, met strofen als: ‘Ik blik / intens ik zelftevreden / de niet bestaande wereld in’ en ‘Aan mijn kin bungelt een vis / op de plek waar normaal de baard zit / alsof er onder de baard een anus / verscholen is of mijn hoofd.’

Zijn eerste prozawerk noemde hij Mijn leven als museum – een titel die aangaf hoezeer kunst en leven naadloos door elkaar liepen: alles deed hij met volledige toewijding. Onder die titel stelde het Literatuurmuseum in 2019 ook een bijzondere selectie uit Stariks nalatenschap tentoon (gemaakt door Andrea Stultiens en samengesteld door Vrouwkje Tuinman). Een van de tentoongestelde voorwerpen: een rubberen vissenkop.