Maarten Doorman

(1957)
Maarten Doorman is een nauwkeurig waarnemer die zich bewust is van de consequenties van hoe je waarnemingen formuleert. Zijn gedichten gaan daarom over net wat meer dan je op het eerste gezicht zou denken. Terloopsheid is schijn, details hebben betekenis, en een perspectief kan allesbepalend zijn.
Vervaardigd 2003
Techniek Acryl en houtskool op doek
Afmetingen 65 x 55 cm

Maarten Doorman

door Fredie Beckmans (1956)

Schrijver en filosoof Maarten Doorman doceert cultuurfilosofie aan de Universiteit van Maastricht en is bijzonder hoogleraar aan de Vrije Universiteit in Amsterdam. In 1985 debuteerde hij als dichter, met de dichtbundel Weg, wegen ­en vanaf dat momenten verschijnt om de paar jaar nieuwe poëzie. Zijn kunsthistorische boeken hebben een filosofische inslag: Steeds mooier (over vooruitgang in de kunst) en De romantische orde zijn uitdagende essayistische studies.

‘Voor mijn boek Denkers in de grond reisde ik met een vriend in koortsachtig tempo door Europa, van graf tot graf,’ schrijft Doorman op zijn website. ‘In Londen lag bij de tombe van Marx een natgeregend triomfantelijk kaartje: We always knew you were right!! Capitalism in crisis. En in een gang van de universiteit troffen we het opgezette lijk van de filosoof Jeremy Bentham. Gruwelijk beeld.’ De genoemde vriend is beeldend kunstenaar en schrijver Fredie Beckmans. Hun ‘homerun langs 40 graven’ stond wekelijks op de Achterpagina van NRC Handelsblad, voor het boek Denkers in de grond uit 2009.

De twee kennen elkaar sinds 1991. Voor dit portret stond Doorman model in Bekckmans atelier: ‘In het echt, niks van een foto naschilderen, dat is een makkie’, zegt Beckmans. Hij combineert hier twee motieven:  ‘Literair zie je het Dorian Gray-motief. Doorman staat voor een schilderij en kijkt ons aan, maar het doek op de ezel laat een veel jongere Doorman zien. Al tijdens het schetsen werd hij jonger’. Daarnaast verwijst het portret naar het schilderij Vanitas van David Bally uit 1651, waarop we de jonge schilder zien met een schilderij in zijn hand: een zelfportret van de kunstenaar maar dan veertig jaar ouder. ‘Mijn droom was het ooit tijdmachinemonteur te worden. De vaak cryptogrammatische gedichten van Doorman zou je ook zo kunnen bezien.’