Maria Dermoût

(1888-1962)

Maria Dermoût is de schrijfster van een klein literair oeuvre. Ze debuteerde pas op haar 62ste. Drie jaar later, in 1955, werd De tienduizend dingen een internationale bestseller. Zelf zei ze over haar schrijverschap dat ze geen schrijver was in de strikte betekenis van het woord, maar iemand die veel luisterde naar de verhalen die mensen haar vertelden.

Vervaardigd 2000
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 150 x 55 cm

Maria Dermoût - Getemperd verdriet

door Frits Woudstra (1956)

Biograaf Kester Freriks, flink aangestoken door de aantrekkingskracht van Dermoûts werk, beklaagt zich ergens dat hij haar nooit heeft ontmoet, nooit haar ‘verfijnde trekken’ levend en bewegend heeft gezien. En dan wijst hij zichzelf terecht: ‘Ze treedt immers tevoorschijn uit haar werk, gekleed in hooggesloten Indisch wit, japonnen van ragfijne stof.’ En zo ook heeft Frits Woudstra de schrijfster afgebeeld. De felle kleuren die haar in haar jeugd in Nederlands-Indië omringden zijn vervaagd tot licht verbleekte tinten rose. Het portret is gebaseerd op een bekende jeugdfoto van Dermoût. Een foto waarover Freriks schrijft: ‘Een plat hoedje ligt niet, zweeft op diepzwart haar. In de uitdrukking van haar ogen en de lijn van haar mond is eenzelfde mengeling te vinden van melancholie, onthechting en ook angst te lezen.’

Was dat zo? In haar werk brengt ze de tragiek van het eeuwige afscheid van de Indische archipel onder woorden en vaak gebeuren er in haar verhalen beangstigende dingen. Haar debuutroman Nog pas gisteren (1951) is een boek vol herinneringen aan haar jeugd op de suikerplantage Redjosari op Java. Het bevat niet alleen mild melancholieke verhalen, maar ook fragmenten over moord en doodslag, jaloezie en passie. Haar bekendste werk, De tienduizend dingen, is een verhaal vol geesten, bezweringen, bovennatuurlijke elementen. Ze wilde in deze fragmentarisch opgebouwde roman ‘het samenweefsel van een bepaalde tijd’ laten zien. Een belangrijke rol speelt de gewelddadige dood die in alle verhalen waaruit de roman bestaat terugkomt.

Woudstra gaf dit portret de titel ‘Getemperd verdriet’, naar de beeldnovelle over Dermoût die hij samen met Kester Freriks maakte.

Vervaardigd 1959
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 58 x 48 cm

Maria Dermoût

door Ina Hooft (1894-1994)

Volgens Kester Freriks, Dermoûts biograaf, heeft de Haagse Ina Hooft in dit portret ‘alle fotografische portretten van de schrijfster verenigd tot treffende gelijkenis met de vrouw, zoals zij leeft in haar werk. Het portret is Maria Dermoût, zoals ik me haar voorstel, herkenbaar en werkelijk, sprekend. En daarin groots, voornaam ook.’ In dit portret komt uit de schetsmatig opgezette achtergrond de dan 71-jarige schrijfster helder naar voren. Ze draagt een zachtgroene blouse, haar lievelingskleur. ‘In haar is zowel gespannenheid als afwachting,’ aldus Freriks, ‘Ina Hooft portretteerde Maria Dermoût als zwevend tussen het teleurgestelde en het liefdevolle, geluk en spijt. In de tijd van dit portret zocht de schrijfster troost bij de woorden: ‘‘We must be purified by sorrows en separations.’’’

Verlies is een belangrijk thema in het leven van Dermoût, die in toenmalig Nederlands-Indië geboren werd en tot de koloniale upper class behoorde. Steeds opnieuw moest ze afscheid nemen van mensen aan wie ze zich had gehecht, dingen en plaatsen die wat voor haar betekenden. Toen ze in 1933 voorgoed naar Nederland vertrok, dienden herinneringen aan Nederlands-Indië als inspiratiebron voor het vertellen van verhalen over de oosterse denk- en gevoelswereld, waarbij de personages zich tussen twee vaderlanden bevinden. Haar werk ademt steeds het verdriet om alles wat voorbij is.

Hoewel ze altijd al korte impressies en schetsen schreef, die ze soms publiceerde in Indische of Nederlandse tijdschriften maar meestal voor zichzelf hield, debuteerde Dermoût pas in 1951. In 1955 verscheen haar belangrijkste en succesvolste roman De tienduizend dingen. De Engelse vertaling werd een bestseller in Amerika. In de laatste tien jaar van haar leven kende Dermoût groot literair succes, maar haar fysieke toestand ging gestaag achteruit. Ze overleed in 1962, 74 jaar oud.