Reinjan Mulder

(1949)
Reinjan Mulder houdt van literatuur. Niet alleen als dichter en schrijver, maar ook als essayist en literair journalist. Hij schreef ruim 2000 artikelen over literatuur, filosofie, kunst en recht. Bovendien was hij uitgever, van schrijvers als Arnon Grunberg, Esther Gerritsen en Kader Abdolah.
Vervaardigd 1973
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 39 x 49 cm

Reinjan Mulder

door Piet Mulder (1919-2001)

‘Dit portret herinnert mij aan deze voor mij zo belangrijke eerste jaren in de kunst’, laat Reinjan Mulder weten als hem gevraagd wordt naar het schilderij dat zijn vader van hem maakte. Piet Mulder was naast spoorweginspecteur ook schilder, met name van het Betuwse landschap. Daarnaast maakte hij ruim honderd portretten in opdracht. Dit is een van de weinige die hij – zonder opdracht – van zijn zoon heeft gemaakt. Hij schilderde het in 1973. Reinjan Mulder is dan 24, woonde in Amsterdam, maar was een dagje in het ouderlijk huis in Geldermalsen. 

Ik zit daar in het schildersatelier achter mijn vaders huis, waar je links achter mij nog net het gipsen beeld De Duikster van Marinus Vreugde ziet dat deze beeldhouwer in 1934 van mijn moeder maakte en dat sinds enkele jaren in Museum Het Schip te bewonderen is. Het beeld zelf is later in steen uitgehouwen en is nog altijd te vinden achterop het Zonnehuis in Amsterdam Noord.

Reinjan Mulder was op dat moment al behoorlijk actief in de literatuur. In 1969 had hij (onder pseudoniem) de dichtwedstrijd gewonnen van de Dichtershoek achterop het Algemeen Handelsblad en een jaar later was hij op uitnodiging van Ed. Hoornik met een lang gedicht gedebuteerd in De Gids. Hij was redacteur van het illustere studentenblad Propria Cures¸ waarin hij bijna wekelijks over literatuur schreef. Net als zijn vader Piet, hield Reinjan zich met beeldende kunst bezig. In het jaar dat dit portret gemaakt werd kreeg hij van het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk zijn eerste beeldende kunstopdracht: het conceptueel fotoproject ‘Objectief Nederland’, dat inmiddels onderdeel is van de collectie van het Rijksmuseum.