Thomas Rosenboom

(1956)
Hoewel Thomas Rosenboom in 1983 debuteerde met een verhalenbundel (De mensen thuis), kwam de grote doorbraak toen hij ongebreideld ging vertellen, in de historische romans Gewassen vlees (1994) en vooral Publieke werken (2000). Niemand die dat boek gelezen heeft, kijkt nog op dezelfde manier naar het Amsterdamse Victoriahotel, waarvan Rosenboom de geschiedenis op stilistisch meesterlijke wijze tot leven wist te roepen.
Vervaardigd 2005
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 91 x 61 cm

Thomas Rosenboom

door Judith Lansink (1952)

Peter Buwalda stelde in 2019 dat Thomas Rosenboom de volgende P.C. Hooftprijs voor proza moet winnen en volgens Christiaan Weijts is Publieke werken nog steeds een van zijn persoonlijke drie grote ontdekkingen. Het boek heeft ‘alle ingrediënten (…) om je verslingerd te maken: de stem, de vreemde wereld, allemaal onverwacht helder en levendig’.

Judith Lansink schilderde dit portret voor een expositie in de Portretwinkel in Haarlem. Een aantal kunstenaars werd gevraagd een persoon te portretteren die ze bewonderden; het was geen betaalde opdracht maar bedoeld als een expositie waarmee opdrachten geworven konden worden. ‘Mensen moesten de gelijkenis kunnen zien, moesten denken, hé die ken ik, en Thomas Rosenboom was in die tijd een echte bekendheid’, vertelt de kunstenares.

Rosenboom schreef het jaar ervoor het Boekenweekgeschenk, Spitzen, en zijn Publieke werken en Gewassen vlees, beide bekroond met de Libris Literatuur Prijs, waren bestsellers. Lansink was met hem bevriend en Rosenboom werkte graag mee. In het begin heeft hij een aantal keren geposeerd, daarna werkte ze van de foto’s die ze nam in haar eigen atelier. Ze is theatervormgever geweest en maakt voor fotosessies een enscenering. Om Rosenboom te typeren vond ze twee dingen belangrijk: de lichtinval, ze wilde een clair-obscur creëren zoals in de tijd van Rembrandt, om met de lichtlijn zijn focus als auteur te verbeelden, ze is een liefhebber van zijn gerichte stijl. En ze wilde de handen van de schrijver laten zien, zodat de beschouwer zich zal afvragen wat daar op het papier komt. ‘Binnen mijn toch al klassieke schilderstijl is zijn portret wel een van de meest uitgesproken klassieke.’