Mustafa
Stitou

2004

Jan Campert-prijs
Mustafa Stitou (1974) heeft de Jan Campert-prijs 2004 ontvangen voor zijn bundel Varkensroze ansichten.

Toen Mustafa Stitou in 1994 debuteerde met een van de opmerkelijkste bundels van de jaren negentig, had Remco Campert geroepen: ‘Eindelijk weer een dichter!’ Hij werd warm onthaald als de eerste Nederlandse dichter van Marokkaanse afkomst, als vertegenwoordiger van een generatie. Varkensroze ansichten (2003) werd even verheugd ontvangen.  

 

‘In deze bundel, waarin vragen naar afkomst en identiteit centraal staan, toont Stitou zich een ware virtuoos, die alle registers van de taal, van ironie tot bittere ernst, met evenveel gemak hanteert,’ schreef de jury. In Varkensroze ansichten worden westerse en oosterse, noordelijke en zuidelijke opvattingen en gedachten tegenover elkaar gezet en door elkaar gemengd, waardoor een ironisch zelfportret ontstaat. 

 

In het begeleidend essay beschrijven Jos Joosten en Thomas Vaessens hoe bewonderende woorden en de toegankelijke waarde van de gedichten eerder vaak onterecht leidden tot ‘interpretatieve machteloosheid’. ‘De verraderlijke toegankelijkheid van zijn poëzie ontneemt de argeloze lezer elke toch noodzakelijke maar ook plezierige argwaan om in poëzie meer te zien dan zij meteen toont. De critici lijken een steek te hebben laten vallen door Stitou zo eensluidend als anekdoot te kwalificeren. Natuurlijk is het simpelweg genieten van Stitou’s stijl, zijn laconieke toon, zijn fantasierijke beelden en surreële invallen in Varkensroze ansichten. Maar toch doe je de dichter tekort als je niet ingaat op de uitnodiging om je als lezer ook een beetje als speleoloog te gedragen.’ 

 

‘In deze bundel, waarin vragen naar afkomst en identiteit centraal staan, toont Stitou zich een ware virtuoos, die alle registers van de taal, van ironie tot bittere ernst, met evenveel gemak hanteert’

Het is een dichter die liever speelt met taalconstructies dan dat hij een verhaal afschildert: ‘Aan Stitou’s ogenschijnlijke anekdotes is een wijder perspectief te verschaffen, een extra dimensie, die ze uit het uitsluitend alledaags-typerende haalt. Natuurlijk zijn Stitou’s gedichten, zeker stilistisch, ongecompliceerd en ogen ze realistisch. (…) Maar als lezer moet je soms de problemen zoeken. En dan openbaart zich al snel veel meer.’ De dichter onderzoekt in zijn gedichten ‘oorsprong en praktijk van identiteit tout court’. 

 

Poëzie is een manier van denken: ‘In poëzie reageer ik op de wereld, ben ik op mijn snelst en het wendbaarst,’ zei Stitou in een interview met Hans Nauta in Trouw. ‘Ik kan vrij filosoferen zoals ik dat wil. In een gedicht kan ik met taal ontsnappen aan mijn identiteit, een begrip dat tegenwoordig zo karikaturaal en groepsgewijs wordt ingevuld.’  

 

‘Wat Stitou zo goed maakt is de zeldzame combinatie van het vermogen te vervreemden met het vermogen ontzettend precies te formuleren,’ schreef Ilja Leonard Pfeijffer in NRC. ‘Als conceptueel-“anekdotische”, of op z'n minst antimetafysische poëzie de vervreemdende alledaagse wekelijkheid zo raak en precies formuleert, dan lees je ieder vers met vrome verwondering.’ 

 

‘Een uitzonderlijk rijke bundel’, schreef Piet Gerbrandy in de Volkskrant

 

Mustafa Stitou kreeg in 1992 de El Hizjra Literatuurprijs voor Twee gedichten over bijna-doden, de Nederlandse prijs voor literair talent met een biculturele achtergrond. In 1994 debuteerde hij met Mijn vormen, en in 1998 volgde Mijn gedichten, die later als tweeluik werden gebundeld. Varkensroze ansichten won in 2004 ook de VSB Poëzieprijs.  

Jury

De jury bestond uit: Harry Bekkering, Yra van Dijk, Hans Groenewegen, Koen Hilberdink, Aukje Holtrop, Ena Jansen, Jos Joosten, Anton Korteweg en Lut Missinne.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 5.000 euro verbonden. De feestelijke prijsuitreiking vond plaats op vrijdagavond 17 december 2004 in Den Haag.  

 

Credits portretfoto: Annelies Flinterman