Belcampo is het pseudoniem van Herman Pieter Schönfeld Wichers, studentenarts te Groningen. De fantastische verhalen van Belcampo behoren tot de merkwaardigste van de Nederlandse literatuur. Ze werden bewonderd door collega-schrijvers als Bordewijk. Belcampo vormt in zijn eentje eigenlijk een aparte literaire stroming.

 

Rijssen

Hermans Schönfeld Wichers wordt op 21 juli 1902 geboren in Naarden. In 1907 verhuist het gezin naar Rijssen, waar zijn vader werd benoemd als notaris.

In zijn verhaal het ‘Het grote gebeuren’ uit 1958 laat Belcampo in dit dorp van zijn jeugd de dag des oordeels beginnen en stormen de vier ruiters van de Apocalyps het dorp binnen.

 

Medicijnen – rechten - medicijnen

Herman Schönfeld gaat in 1921 medicijnen studeren in Amsterdam, maar hij stapt al snel over naar de juridische faculteit. Na het behalen van de meestersbul komt hij te werken bij een advocatenkantoor, maar dat bevalt hem niet. Vanaf 1928 zwerft hij langdurig door Europa. In zijn onderhoud voorziet hij door het tekenen van portretten. In 1937 trouwt hij met Joke Westduin en pakt hij zijn studie medicijnen weer op. In 1939 wordt zijn dochtertje Maartje geboren en in 1943 zoon Jaap. Na de oorlog volgt nog zoon Balthasar.

 

De zwerftocht van Belcampo

In 1934 publiceert hij in eigen beheer de bundel Verhalen onder het pseudoniem Belcampo, dat is zowel een vertaling van ‘Schönfeld’ als een personage van E.T.A. Hoffmann, de Duitse romanticus. Deze bundel krijgt niet zoveel respons, maar De zwerftocht van Belcampo uit 1938 wel. Met dit verslag van een voettocht door Italië trekt hij bij een aantal critici de aandacht.

 

Groningen

In 1953 vestigt Belcampo zich als studentenarts in Groningen. Hij zou daar tot zijn dood blijven wonen. Hij scheidt van zijn eerste vrouw aan het einde van de jaren vijftig en hertrouwt met Doite Schukken. Vanaf de verschijning van Nieuwe verhalen in 1946 breekt Belcampo ondertussen echt door in Nederland. De gekke fantasieverhalen worden in korte tijd vrij populair. In 1958 wordt er al een bundeling van De fantasieën van Belcampo gemaakt.

 

Belcampisme

In De filosofie van het Belcampisme uit 1972 heeft Belcampo zijn wereldbeeld uiteengezet. Hieruit blijkt dat hij in zijn verhalen geen andere wereld of een tegenwereld van de onze wil tonen. Volgens Belcampo bestaan er juist heel veel werkelijkheden en kan onze bekende wereld geleidelijk overgaan in een andere.

In 1979 verschijnt de grote verzamelbundel Al zijn fantasieën.

Laatste zwerftocht

Op zijn eenentachtigste gaat Belcampo nog eens op pad. Hij trekt door Brabant en Limburg en betaalt overal voor onderdak en voedsel door het voorlezen van verhalen. Voor Belcampo is elke ontmoeting met een ander mens een avontuur. Het manuscript dat Belcampo aan zijn laatste tocht wijdde, is nooit uitgegeven omdat hij enorm twijfelde over wat hij moest opschrijven over zijn ontmoetingen.

 

Belcampo overlijdt op 2 januari in 1990 in zijn woning aan de Spilsluizen in Groningen. Op 5 januari wordt hij naast zijn vader begraven op de Oude Begraafplaats in Rijssen.

 

In het Literatuurmuseum bevindt zich het typoscript van De zwerftocht van Belcampo. Verder is er een lade met bijna zeshonderd bladzijden typoscript van De verhalen van Belcampo. Daarnaast zijn er in het museum brieven van Belcampo aan onder anderen Nescio, Karel van het Reve, F. Bordewijk en Godfried Bomans.

Zie voor een overzicht van alle documenten van Belcampo in het Literatuurmuseum de catalogus.

 

Links

www.belcampo.net

www.dbnl.org