H.C. ten Berge

(1938)
Even bezield als onverstoorbaar bouwt H.C. ten Berge aan een imposant oeuvre van dichtbundels, romans en essays, dat bekroond werd met meerdere prijzen. Ten Berge is gedreven door – in zijn eigen woorden – ‘Nieuwsgierigheid en geestdrift (die op de grens van hartstocht verkeert)’: en dat klopt: elk nieuw werk presenteert een nieuwe ontdekking.
Vervaardigd 2004
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 80 x 60 cm

H.C. ten Berge

door Pamela McAdam (1954)

Dit portret is door Pamela McAdam, een in Jamaica geboren en in Nederland werkzame beeldend kunstenaar – tevens echtgenote van H.C. ten Berge. Hij staat er kalm en bedachtzaam op, in een veelkleurig decor. Die vele kleuren passen bij een oeuvre dat zich vanaf het begin van de jaren zestig heeft ontwikkeld in meerdere kleuren en stemmingen. Poolsneeuw als wit begin, vormde het vertrekpunt voor romans, essays, vertalingen en gedichten.

Hij is evenzeer dichter als prozaschrijver: de P.C. Hooft-prijs werd hem in 2006 toegekend voor beide onderdelen van zijn oeuvre. Maar zijn rol als vertaler en redacteur is van minstens even groot belang. Als oprichter en voornaamste redacteur van Raster heeft hij vele schrijvers en dichters in ons taalgebied geïntroduceerd. Uit eigenbelang ook, vertelde hij in een interview in Poëziekrant: ‘Het is vooral toch een kwestie van nieuwsgierigheid. Ik wil wel weten hoe andere dichters het deden. Wat zijn de subtiliteiten van de Japanse poëzie? Waarom is in de Chinese poëzie de vriendschap zo belangrijk?’

En hoe persoonlijk nieuwsgierigheid als drijfveer ook is, Ten Berges betrokkenheid bij de wereld is onmiskenbaar, zozeer zelfs dat zijn gedichten soms bijna grimmig zijn over de toestand in de wereld: in Hollandse sermoenen gaat zelfs de typografische zweep erover, in vlijmscherpe gedichten:

ondermijn
de venijnige macht van bankierende
wormen, zaai paniek onder wezels
& jakhalzen van de beurs.

De actualiteit spat er vanaf – en al schrijft Ten Berge zijn werk zeker niet als commentaar op het nieuws, hij sluit er ook niet de ogen voor. Hij staat als dichter in de wereld en pleit in zijn gehele oeuvre voor ‘een open, nomadische geest’. Voor de boekhandel in zijn woonplaats stelde hij ooit een rijtje ‘suggesties’ op om als schrijver voort te kunnen. De eerste ging over nieuwsgierigheid, de laatste: ‘Begin en begin steeds opnieuw. Het geschrevene is je beloning.’