Jan Poortenaar

(1886-1958)

Jan Poortenaar was een dubbeltalent. Hij had een feuilleton in NRC (‘Pennekrassen’) maar werd toch het bekendst als beeldend kunstenaar. Zijn kunst ‘is groot en breed’ zo meende Elsevier’s Geïllustreerd Maandschrift, dat vooral zijn techniek roemde. ‘Een wijze van uiten, die niet aan banden te leggen valt’.

Vervaardigd Ongedateerd
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 35 x 25 cm

Zelfportret

door Jan Poortenaar (1886-1958)

‘The death of Jan Poortenaar leaves a vacant place not only in Dutch art of the more traditional kind, but among the many friends in Britain and on the Continent who will miss his charming personality’, schrijft The Times in 1958 naar aanleiding van het overlijden van de schilder, graficus, schrijver en uitgever.

Poortenaar kreeg schilderlessen van Piet van Wijgaart en Willem Witsen, en leerde zichzelf etsen en houtsnijden aan. Al op jonge leeftijd kreeg hij een koninklijke subsidie voor de vrije schilderkunst en genoot hij internationale bekendheid. Hij woonde lange tijd in Londen en maakte van 1922-1924 met zijn vrouw Geertruida van Vladeracken – zangeres, componiste en voordrachtkunstenares – een concertreis door Nederlands-Indië, waarover ze Een kunstreis in de tropen schreven. Frans Coenen schreef over ‘dit aardige boek’ in Groot Nederland: ‘Men moet het aanmoedigen als kunstenaars naar “den Oost” willen, indien er zulke frissche schrifturen van nablijven. Onzwaar, onpretentieus, vlot, maar lang niet altijd vluchtig, geven deze beiden hun Indische indrukken’. De aantrekkelijkheid van het boek wordt volgens hem vergroot door de illustraties van Poortenaar.

Na jaren van reizen en werken in het buitenland vestigde het echtpaar zich in 1939 in Naarden en begon Poortenaar zijn uitgeverij In Den Toren. Hij gaf er onder meer zijn eigen kunstpublicaties uit, werk van zijn echtgenote en meerdere titels van W.R. van Brakell Buys. Zelf schreef hij over westerse en oosterse kunst en filosofie, en bleef werken als illustrator en boekbandontwerper, onder anderen voor Arthur van Schendel.

Tot de collectie van het Literatuurmuseum behoren ook Poortenaars portretten van Van Schendel, Van Brakell Buys en Van Vladeracken. Op die drie doeken zijn de geportretteerden verdiept in hun lees- of schrijfwerk; Poortenaar kijkt je hier aan.