Reinier van Genderen Stort

(1886-1942)

Reinier van Genderen Stort, een stilist die werd geprezen om zijn ‘vormverfijning’, was vooral bekend van De kleine Inez uit 1925. Menno ter Braak beschouwde het boek als de ‘belangrijkste roman van de laatste tijd’. Waarom? 'Van Genderen Stort heeft de werkelijkheid doorzien; hij heeft de onmogelijkheid van welke “reproductie” ook bespeurd en aanvaard.’ Over het latere werk was Ter Braak minder lovend: thematisch zou Van Genderen zich herhalen en zijn taal werd nu beschouwd als ‘aanstellerig en quasi verheven’.

Vervaardigd 1937
Techniek Olieverf op doek
Afmetingen 106 x 80 cm

Reinier van Genderen

door Jan L. Kleintjes (1872-1955)

Als gevolg van de syfilis waar hij aan leed, was Reinier van Genderen Stort sinds 1917 blind. Iets dat tot de verbeelding sprak en in kritieken werd geromantiseerd: ‘Reinier van Genderen Stort is in staat, een andere en betere wereld te zien. Hij komt hiertoe met de helder ziende oogen van zijn geest.’

Het weerhield hem niet van schrijven, hij dicteerde zijn werk aan vriendinnen. Zijn psychologische romans stonden onder invloed van de Franse schrijvers die hij graag las: Zola, Flaubert, Montaigne en Guy de Maupassant. Thema was de worsteling van de mens met zijn aangeboren slechte neigingen. ‘Rein heeft een ontzettend moeilijk leven gehad,’ aldus schrijfster Annie Salomons. ‘In twee dingen was hij groot: in de toewijding tot zijn werk en in de aanvaarding van zijn bitter lot zonder er ooit over te zeuren.’

Ruim vier jaar lang woonde hij met zijn vriendin en latere vrouw Gon Waterman in haar landhuis in het dorpje Wapenveld. Daar zal hij ongetwijfeld Jan Kleintjes en diens vrouw Hedwig Kleintjes-van Osselen hebben leren kennen, ze waren nagenoeg buren. Het schildersechtpaar woonde in het landhuis Kolthoorn, dat een culturele ontmoetingsplaats was voor kunstenaars uit het hele land. Veel van hun gasten poseren voor hem, ook portretteerden ze in opdracht. In zijn boek over de twee bespreekt Jeroen Kapelle dit portret, omdat de schrijver is afgebeeld ‘op een manier die aan het werk van Han van Meegeren doet denken. Zittend op een stoel met op zijn schoot een plaid kijkt de frêle schrijver theatraal met zijn uitgelichte gezicht naar boven en lijkt op dat moment zijn inspiratie te ontvangen.’

Na de dood van zijn vrouw moest Van Genderen Stort haar landhuis verlaten, zelf kon hij het niet bekostigen. In 1942 stierf hij in een kliniek in Wassenaar.