Judith
Herzberg

1994

Constantijn Huygens-prijs
Dichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg (1934) kreeg de Constantijn Huygens-prijs 1994 voor haar gehele oeuvre.

In dit werk ‘blijft veel onuitgesproken’, stelde de jury. ‘Hoe natuurlijk en vooral direct de dichteres ook moge schrijven, wanneer het in haar poëzie om grote zaken als liefde, leven en dood gaat, suggereert Judith Herzberg eerder mogelijke vragen dan dat zij de lezer confronteert met éénduidige antwoorden. Het is een eigenschap die haar poëzie vanaf haar debuut tot en met haar laatste bundel, Zoals, voor een groot aantal poëzieminnaars een duidelijk herkenbaar karakter heeft gegeven. Het bewustzijn van de kwetsbaarheid van wat leeft ligt ten grondslag aan Herzbergs liefdevolle observaties van alle mogelijke vormen van bestaan. Dat strekt zich uit van een beschrijving van oorlogsoverlevenden tot een afscheid van bestek, dat door de komst van de vaatwasmachine het voortaan zonder strelende handen moet stellen.’

 

Wat Herzbergs poëzie, maar ook haar toneelwerk typeert is de ‘dikwijls ongecompliceerde waardering voor zeer alledaagse zaken, een verkwikkend gevoel voor humor, van tijd tot tijd de onbevangen blik van een kind’, terwijl er vaak – indirect – ‘een tragisch levensgevoel wordt uitgedrukt. (…) De taal vormt een tegenwicht tegen de onontkoombaarheid van levenservaringen die een aanslag vormen op het bestaan.’

 

Het stuk Leedvermaak (première 27 maart 1982, geschreven voor Toneelgroep Baal) geldt als een hoogtepunt in Herzbergs toneeloeuvre. Veertien personages voeren tijdens een feestelijke bijeenkomst ogenschijnlijk terloopse gesprekken, waarin de pijn van oorlogsherinneringen doorklinkt. Het stuk wordt nog altijd opgevoerd en het werd in 1987 verfilmd door Frans Weisz. Behalve toneelstukken schreef Herzberg teksten voor muziektheater en filmscenario’s. 

‘Herzbergs taalgebruik heeft vaak een onthutsend effect door het paradoxale feit dat het “onbespreekbare” toch bespreekbaar wordt gemaakt’

‘Uit het verzamelde toneelwerk (Teksten voor toneel en film, 1971-1988) blijkt onveranderlijk Herzbergs scherpe observatievermogen en haar eigenzinnige talent om in nuchtere dialogen ontroerende verhalen te vertellen met een ironische ondertoon,’ aldus de jury. ‘Herzbergs taalgebruik heeft vaak een onthutsend effect door het paradoxale feit dat het “onbespreekbare” toch bespreekbaar wordt gemaakt. Wat niet gezegd kan worden, wordt tussen de regels gevangen in een ongrijpbare dialoog. Toeschouwers, lezers worden uitgenodigd om het onzegbare zelf in te vullen. Het is via deze omweg, dat Herzberg uiteindelijk de woorden vindt om datgene te zeggen waar geen woorden voor bestaan.’

 

Judith Herzberg schreef een omvangrijk poëzieoeuvre. Ze debuteerde als dichteres met de bundel Zeepost (1963) en ontving voor haar bundel Botshol in 1981 de Jan Campert-prijs. Ook haar toneel- en scenariowerk werd veelvuldig bekroond. Zo ontving Herzberg voor Leedvermaak de Prijs der Kritiek (1982) en de Charlotte Köhler-prijs (1988) en voor Kras de Nederlands-Vlaamse Toneelschrijfprijs 1989. 

 

De kunstredactie van dagblad Trouw sprak haar verbazing uit: ‘Die verbazing heeft niets te maken met de kwaliteit van haar literaire werk, zowel als dichteres als toneelschrijfster staat ze op eenzame hoogten. Wèl met het feit dat ze de prijs nu pas krijgt.’ En het was ook ‘onduidelijk waarom zij tot nog toe voor de P.C. Hooft-prijs werd gepasseerd. Iemand van het kaliber van Herzberg had beide onderscheidingen al lang op zak moeten hebben.’

 

Jury

Van de jury maakten deel uit: Harry Bekkering, Hugo Brems, Han Foppe, Aukje Holtrop, Anton Korteweg, Janet Luis, Nicolette Smabers, Sarah Verroen en Ad Zuiderent.

 

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 10.000 gulden verbonden. De uitreiking vond plaats op vrijdagavond 16 december 1994 in Den Haag.

 

Credits portretfoto: Erik Mattijsen