Ida M.
Gerhardt

1979

P.C. Hooft-prijs
In 1980 is in het Letterkundig Museum (Juffrouw Idastraat) in Den Haag de P.C. Hooft-prijs 1979 uitgereikt aan Ida M. Gerhardt.

De P.C. Hooft-prijs 1979 voor het oeuvre van Ida M. Gerhardt is toegekend op voordracht van een jury bestaande uit Remco Campert, Dick Hillenius, Anton Korteweg, Aad Nuis (voorzitter), Elly de Waard en H.J. Kompen (ambtelijk secretaris). Aan de prijs is een bedrag verbonden van fl. 10.000.

 

Ida Gerdina Margaretha (Ida M.) Gerhardt (Gorcum, 11 mei 1905 – Warnsveld, 15 augustus 1997) groeide op in een gezin met drie dochters. Haar vader was schooldirecteur, haar moeder was van boerenafkomst en had een psychotische aanleg. Haar oudere zuster Truus was eveneens dichteres, haar jongere zus Mia zou later in Utrecht hoogleraar worden in de vergelijkende literatuurwetenschap. Gerhardt voelde zich haar hele jeugd een ongewenst kind. Zij had een moeizame relatie met haar moeder. Een van Gerhardts leraren op het Erasmiaans gymnasium in Rotterdam was de dichter J.H. Leopold, door wie zij als vertaalster en dichteres blijvend beïnvloed werd. Zij studeerde klassieke talen, aanvankelijk in Leiden, later in Utrecht. In Utrecht hernieuwde ze de kennismaking met haar vroegere klasgenote Marie van der Zeyde, met wie zij haar hele leven bevriend zou blijven. In 1936 werd ze aangesteld als lerares klassieke talen, eerst in Groningen, vervolgens in Kampen en ten slotte in Bilthoven. In 1940 debuteerde ze met de dichtbundel Kosmos. Er zouden in de loop der jaren nog dertien bundels volgen. Tussen de schoolbedrijven door promoveerde ze bovendien in 1942 op een vertaling van Lucretius´ De rerum natura. In 1963 ging zij met vervroegd pensioen. In 1967 verhuisde ze samen met Marie van der Zeyde naar Eefde. Samen werkten ze aan een vertaling van De Psalmen (1972).

 

Gerhardt beklaagde zich regelmatig over gebrek aan waardering voor haar werk, onder andere over de in haar ogen te late bekroning met de P.C. Hooft-prijs. Toch vielen haar diverse prijzen en eerbewijzen ten deel. Zij kreeg de Lucy B. en C.W. van der Hoogtprijs, drie keer de Poëzieprijs van de gemeente Amsterdam en de Martinus Nijhoffprijs voor haar vertaling van de Georgica van Vergilius. Verder kreeg zij verschillende oeuvreprijzen: de Marianne Philipsprijs, de Culturele Prijs van de Gemeente Arnhem en de Prijs voor Meesterschap van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde. Ook kreeg zij twee keer een koninklijke onderscheiding.

Uitreiking

De prijs is in 1980 uitgereikt op een feestelijke bijeenkomst in het Letterkundig Museum (Juffrouw Idastraat).