In de zomer van 1938 voer Bep Wagner met de boot De Baloeran van Batavia (nu Jakarta) naar Rotterdam. Ze schreef haar ouders regelmatig brieven over de reis, die 23 dagen duurde. Later vond haar dochter in deze brieven verschillende passages terug over een van Beps medepassagiers: Hella Haasse. Ze besloot de brieven daarom te schenken aan het Literatuurmuseum.
Bep schrijft uitvoerig over haar dagen op de boot en de tijd die ze doorbrengt met de destijds twintigjarige Haasse. Uit een van de brieven blijkt bijvoorbeeld dat ‘Hella’ regelmatig komt binnenrennen voor wat van Beps eau de cologne, omdat ze die zo lekker vindt ruiken.
Een van de leukste avonturen, beschreven in de brief van 30 juli, was de ‘reuze lol’ die de vrouwen hadden tijdens een middag in de rooksalon: ze klommen op stoelen en ‘hebben heel vals en met vele giltonen “Drie kleine kleutertjes” gezongen’. Als dat geen vriendschap is...
