2002

Sleuteloog

‘Oeroeg’ betekent letterlijk ‘aardverschuiving’. Dat ontdekte Hella S. Haasse pas veel later. Ze vertelt dat in 1993 in een interview in Trouw. Ze koos bij het schrijven van haar debuutroman die naam voor haar hoofdpersoon, die ze in de eerste zin introduceert met ‘Oeroeg was mijn vriend’, volkomen onbewust, ze kende niemand die zo heette. Maar het was wel een mooie, symbolische coïncidentie. Ze kijkt er eigenlijk niet van op. Zo gaat het vaker, weet ze: de verbeelding loopt vooruit op de bewustwording van de werkelijkheid.

In haar leven brengt de novelle een aardverschuiving teweeg. Niet abrupt maar met kleine schokjes. In de loop van haar leven en met elke ‘Indische’ roman die zij schrijft – Oeroeg, Heren van de thee en Sleuteloog – groeit haar inzicht in de problematiek die vanaf haar geboorte in Nederlands-Indië een rol speelt: is zij een buitenstaander in het land van haar geboorte?

Treft de collectieve ‘schuld’ die Nederland draagt voor racisme, koloniale uitbuiting en winstbejag ook mensen zoals zij? Zij deed immers niets anders dan op Java geboren worden, er opgroeien en zich thuis voelen bij zijn bewoners. Ze houdt onvoorwaardelijk van dat land, dat toen zij volwassen werd niet meer bestond. In de loop der tijd kan zij die ‘naïeve’, goedwillende visie, vindt ze zelf, niet meer volhouden. Maar van schuld, alleen omdat zij een blanke is, een ‘totok’, kan ook geen sprake zijn.

Sleuteloog, de laatste grote roman van Hella S. Haasse, is bepaald geen naïef boek. Het is een veel ‘rijper’, genuanceerder maar ook schrijnender verhaal dan zijn tegenhanger Oeroeg. Ook in Sleuteloog gaat het om een hechte vriendschap, ditmaal tussen twee meisjes, Herma Warner, van oer-Nederlandse ouders, en de Indische Dee Meijers. Beiden groeien op in welstand, in vooraanstaande families; ze zitten bij elkaar op school. Ook deze vriendschap loopt stuk, omdat Dee zich aansluit bij een Indonesische nationalistische groepering en zich van Herma afwendt.

Herma ontwikkelt voelsprieten voor uitingen van blanke arrogantie, maar voelt die superioriteit zelf niet. Zij heeft ‘het gevoel niet te behoren tot dezelfde soort van mensen-in-Indië als mijn ouders. Maar tot welke soort behoorde ik dan wel?’

Herma, een kunsthistorica op leeftijd, wil helderheid krijgen over het verleden. Een verzoek van een journalist is aanleiding om te duiken in oude documenten. Ze bekijkt brieven en foto’s, ze graaft in haar herinneringen. Er zijn familiegeheimen. Ook haar overleden man Taco had een geheim: ze vermoedt dat hij een verhouding met Dee Meijers heeft gehad. Sommige puzzelstukjes vallen op hun plaats.

Maar niet alle. Herma moet weten wat er zit in de grote mooi versierde kist, familiebezit dat pas na de onafhankelijkheid van Indonesië naar haar toe is gestuurd. Ze vindt na lange tijd de sleutel, maar die past niet meer. De kist gaat uiteindelijk toch open, maar blijkt leeg. In het ‘oog’ van de sleutel is een Arabische tekst te lezen. Er staat: ‘Al wat je ooit zag of hoorde, al wat je dacht te weten, is niet meer dat, maar anders.’

De waarheid is niet meer te achterhalen. Zij verandert voortdurend, alleen al door erover na te denken. Sommige pijnlijke gevoelens gaan nooit over, daar zal Herma mee moeten leven.

Het is een wijze les, in een overrompelend rijk en niet-belerend boek.

Het is Hella S. Haasses laatste roman, maar dat weet ze niet. Sleuteloog is te lezen als een vervolg én een antwoord op Oeroeg. Zonder het vooraf van plan te zijn eindigt zij haar oeuvre, in een elegante bocht, weer bij de bron.