J.C.
Bloem

1949

Constantijn Huygens-prijs
De Constantijn Huygens-prijs 1949 is uitgereikt aan dichter J.C. Bloem (1887-1966).

Jakobus Cornelis Bloem nam de prijs in ontvangst op zijn 62ste verjaardag. Hij werd in de Oude Raadszaal van Den Haag toegesproken door burgemeester W.A.J. Visser en jurylid F. Bordewijk. ‘Uw werk,’ zo sprak de laatste, ‘is klein van omvang maar hoog van gehalte.’ De dichter diende hem in zijn dankwoord van repliek: ‘Wanneer men veel publiceert, is toch slechts een deel daarvan bestemd om voort te leven. Men kan beter direct beginnen met zelf te selecteren. Dat komt op het zelfde neer.’

 

In 1947 waren J.C. Bloems Verzamelde gedichten verschenen. Hij debuteerde in 1910 toen hij nog rechtenstudent was in De Beweging, het tijdschrift van Albert Verwey, en in 1921 volgde zijn eerste bundel, Het verlangen. Zijn gedichten werden steeds soberder, zijn bundels dunner.

 

In zijn toespraak, zo schreef het Algemeen Handelsblad dezelfde dag nog, zei Bordewijk dat Bloems werk ‘zich altijd door een zekere droefgeestigheid [heeft] gekenmerkt, maar het is mr. Bordewijk opgevallen, dat de dichter zijn visie sedert enige tijd aan het veranderen is, getuige zijn gedicht over de Amsterdamse Dapperstraat. Bloem heeft ten slotte met de hem eigen humor een kort woord van dank gesproken.’

 

J.C. Bloem is de dichter van klassieke regels als ‘Denkend aan de dood kan ik niet slapen, / En niet slapend denk ik aan de dood’, ‘Alles is veel, voor wie niet veel verwacht’ of ‘domweg gelukkig, in de Dapperstraat’. Zijn poëzie is helder en van een bedrieglijke eenvoud. Het eeuwige verlangen versus kortstondig geluk, de goddelijke onvervuldheid, ontgoocheling, droefenis, berusting: het zijn thema’s waarop Bloem varieert. ‘Schoonheid en geluk, hoe begerenswaardig ik ze ook vind, zijn voor mij niet de essentiële dingen van het leven, maar leed en zonde,’ zei hij ooit in een interview. 

Jury

De jury bestond uit F. Bordewijk, Martinus Nijhoff en J. Hulsker.

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 2.000 gulden verbonden. De eerdere twee laureaten waren A. Roland Holst (1948) en P.N. van Eyck (1947). De officiële uitreiking vond plaats op dinsdagmorgen 10 mei 1949 in het stadhuis van Den Haag.

 

Credits portretfoto: Edith Visser