Jan
Wolkers

1982

Constantijn Huygens-prijs
De Constantijn Huygens-prijs 1982 werd toegekend aan Jan Wolkers (1925-2007). De schrijver weigerde de prijs, omdat die volgens hem ‘te laat’ kwam.

Wolkers debuteerde met de verhalenbundel Serpentina’s petticoat in 1961. De autobiografische roman Terug naar Oegstgeest (1965) was zijn eerste grote bestseller, in 1969 verscheen Turks fruit.

 

De jury prees Wolkers om het ‘kenmerk van individueel verzet’ in zijn werk, dat hij ondanks zijn grote publieke succes altijd heeft weten te behouden in zijn romans en verhalen, ‘van protest tegen menselijke onmacht en menselijke macht’. Hij heeft zijn ‘eigenheid en literaire kracht’ bewezen door een ‘persoonlijke, beeldende stijl en door de artistieke structuur waarin het motief der tegendraadsheid gestalte kreeg. Met name in die zin representeert dit oeuvre een schrijverschap dat door decennia heen trouw is gebleven aan zichzelf, in weerwil van alle publiciteit eromheen.’

Op 1 april krijgt Guus Kuijer de Constantijn Huygens-prijs. Volg hier de uitreiking

Jan Wolkers weigerde de prijs. Per helikopter toog de pers naar Texel om de schrijver te interviewen. De bekroning kwam te laat, vond hij, en het bestuur van de stichting was corrupt. ‘Twintig jaar lang heb ik meesterwerken geschreven!’ reageerde hij voor het NOS-achtuurjournaal. ‘Kort Amerikaans, Een roos van vlees, Terug naar Oegstgeest, Turks fruit, De walgvogel, De kus, De doodshoofdvlinder, Perzik van onsterfelijkheid, Brandende liefde. Geen één van die boeken heeft ooit een prijs gekregen. Ik voel me geschoffeerd, gewoon, door die prijs. Ik denk: wat is er met me gebeurd? Ben ik ineens slecht gaan schrijven? Heb ik ontucht gepleegd met een van de mannelijke of vrouwelijke juryleden? Heb ik geld aan ze overgemaakt? Ik heb op m’n giroboekje gekeken, maar ook dat was niet waar. Dan denk ik: ja, wat is dat? Wat is er aan de hand?’ 

‘Ik voel me geschoffeerd, gewoon, door die prijs. Ik denk: wat is er met me gebeurd? Ben ik ineens slecht gaan schrijven? Heb ik ontucht gepleegd met een van de mannelijke of vrouwelijke juryleden? Heb ik geld aan ze overgemaakt?’

De weigering kwam niet uit de lucht vallen. Wolkers had al eerder een novelleprijs teruggestuurd en naar eigen zeggen ook bekroningen verhinderd.

 

‘Prijzen betekenen niets voor me,’ zei hij in 1980 in een interview met Het Vaderland. ‘De gang van zaken verwondert me eerder. Ik ben er niet kwaad om of rancuneus, beslist niet. Ik heb zo veel plezier in mijn werk. Ze hoeven mij niet een prijsje komen aanreiken. Het is eerder gênant als je d’r een krijgt. Meestal denk ik bij jury’s: die corrupteling, die smerige onderkruiper, die man die twee dichtbundels heeft geschreven die niets voorstellen. Ik zal geen namen noemen, maar moet ik van die mensen een prijs aanpakken? Ik zou meteen m’n boek gaan herlezen. Is het nou echt zó slecht, zou ik denken.’

 

Waarop de interviewer vroeg of hij zelfs de P.C. Hooft-prijs zou weigeren. Wolkers: ‘Een prijs van een Hollandse jury kan je niet accepteren. Als je tenminste genoeg gevoel voor eigenwaarde hebt.’

 

Dat waren geen loze woorden: in 1989 weigerde hij inderdaad de P.C. Hooft-prijs in ontvangst te nemen.

Jury

De jury bestond uit: Harry Bekkering, Pierre H. Dubois, Margaretha Ferguson, Han Foppe, Anton Korteweg, André Matthijsse, Harry Scholten en Paul de Wispelaere.

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 9.000 gulden verbonden. Nu Wolkers de prijs weigerde werd een deel van het bedrag gebruikt voor een extra prijs voor de net vrijgelaten dichter, docent en activist Breyten Breytenbach, die als tegenstander van het apartheidsregime in 1975 gevangengezet was in Zuid-Afrika. Wolkers stond hier geheel achter.

 

Credits portretfoto: Sjakkelien Vollebregt / Anefo / Nationaal Archief, CC0