Willem
Elsschot

1951

Constantijn Huygens-prijs
De Vlaamse dichter en romanschrijver Willem Elsschot (1882-1960) kreeg de Constantijn Huygens-prijs 1951.

‘Voor het eerst een Vlaming beloond,’ kopt de Haagse krant Het Vaderland op 26 november 1951. Niet eerder ging een Nederlandse prijs naar een Vlaming, of andersom. De krant meldt ook dat Willem Elsschot zijn debuut Villa des Roses (1913) schreef in Schiedam, toen hij correspondent was op een scheepstimmerwerf; de roman verscheen in afleveringen in het letterkundig maandblad Groot-Nederland. Elsschot had in Nederland op dat moment misschien nog wel meer bewonderaars dan in zijn vaderland.

 

De schrijver staat bekend om zijn ongewone scherpte en meedogenloze kijk op mensen, om zijn psychologie van de gevoelige mens in de hardere zakenwereld. De roman Lijmen (1924) wordt gezien als ‘een van Elsschots meest typische en gaafste scheppingen’, aldus Het Vaderland. ‘Na zowat tien jaar te hebben gezwegen, zette hij zijn vruchtbare periode in met het schijnbaar grappige, in wezen diep tragische verhaal uit het zakenleven Kaas (…)’. Over zijn dichtbundel Verzen schreef W.F. Hermans: ‘Het is slechts een kleine verzameling, maar er is geen enkel vers bij dat niet ronduit meesterlijk genoemd kan worden. Er is geen verzameling poëzie in onze taal die zozeer in de meest letterlijke zin hartverscheurend is.’

 

De Heerenveensche Koerier meldt over de prijsuitreiking dat voorzitter F. Bordewijk betoogde dat de Nederlandse auteurs nog wel iets van de Vlaamse schrijvers konden leren wat betreft de ware vertelkunst en de ‘feu sacré’.

 

Elsschot had nog nooit van de Constantijn Huygens-prijs gehoord, zo zei hij in zijn dankwoord. Het nieuws was ingeslagen als een bom. ‘Niet als een V1- of V2-bom, onzaliger gedachtenis, maar veeleer als een weldoende bom, afgeschoten door het Leger des Heils, zal ik maar zeggen.’ De toekenning was volgens hem een uiting van de ware Benelux-geest.

Jury

De jury bestond uit Bert Bakker, J. Hulsker en Martinus Nijhoff.

Uitreiking

Aan de prijs was een bedrag van 2.000 gulden verbonden. De officiële uitreiking vond plaats op dinsdag 18 december 1951 in het stadhuis van Den Haag.

 

Credits portretfoto: Alfons de Ridder