Elisabeth
Eybers

1991

P.C. Hooft-prijs
Elisabeth Eybers heeft de P.C. Hooft-prijs 1991 gekregen voor haar oeuvre. De prijs was dit jaar bestemd voor po√ęzie.

Elisabeth Eybers dicht, aldus de jury, op zodanig laconieke en kernachtige wijze over haar eigen leven dat het eigenlijk over ‘het’ leven gaat. Zij vervalt daarbij nooit in simpele anekdotiek of bekentenislyriek. Zij schrijft niet uit een behoefte aan zelfbevestiging, maar om een verbaasde ontmoeting met het zelf. ‘Zij heeft het vermogen bewaard om de omstandigheden met jonge ogen te bezien’, staat te lezen in het juryrapport.

 

Elisabeth Françoise Eybers (Klerksdorp, Transvaal, 26 februari 1915 – Amsterdam, 1 december 2007) groeide op in Zuid-Afrika. Haar vader was een Nederduits gereformeerd predikant en haar moeder was docente en hoofd van een middelbare meisjesschool. Van 1932 tot 1936 studeerde Elisabeth Eybers moderne talen aan de universiteit van Witwatersrand in Johannesburg. Daarna werkte ze twee jaar als journaliste. In 1937 trouwde ze met een zakenman, met wie ze vier kinderen kreeg en van wie ze later zou scheiden. In 1961 vestigde ze zich met haar jongste kind in Amsterdam. Haar eerste gedichten schreef ze in het Engels, later schreef ze in het Zuid-Afrikaans, wat ze altijd is blijven doen, ook na haar emigratie naar Nederland. Volgens Kees Fens heeft dat haar positie van vreemdelinge, toch al vanaf het begin aanwezig in haar poëzie, nog versterkt.

 

In Zuid-Afrika wordt ze gerekend tot ‘de Dertigers’, die bewust braken met de traditionele en conservatieve instelling van de toenmalige poëzie. Haar gedichten zijn over het algemeen persoonlijk van aard. De toon is nuchter, de woordkeus sober. Ogenschijnlijk kleine voorvallen geven vaak aanleiding tot filosofische bespiegelingen. Verwante dichters zijn Vasalis en J.C. Bloem.

 

Haar werk werd meer dan eens bekroond. Zij kreeg onder meer de Hertzogprijs, de C.N.A.-prijs en de Herman Gorterprijs. In 1978 werd haar de Constantijn Huygens-prijs toegekend voor haar gehele oeuvre. In 1972 werd haar een eredoctoraar verleend in de letteren aan de Universiteit van Witwatersrand. De P.C. Hooft-prijs, een staatsprijs, kon aan Eybers toegekend worden ondanks het feit dat ze hoofdzakelijk in het Zuid-Afrikaans schreef, omdat ze na haar vestiging in Nederland de Nederlandse nationaliteit had aangenomen. 

Ludo Pieters overhandigt de P.C. Hooft-prijs aan Elisabeth Eybers in het Letterkundig Museum te Den Haag op 31 mei 1991.

Jury

De P.C. Hooft-prijs voor het oeuvre van Elisabeth Eybers is toegekend op voordracht van een jury bestaande uit Anneke Brassinga, G.J. Dorleyn, Remco Ekkers, Rutger Kopland (voorzitter), Kees van Rees en Aad Meinderts (ambtelijk secretaris). Aan de prijs was een bedrag verbonden van 25.000 gulden.

Uitreiking

De prijs werd uitgereikt op een feestelijke bijeenkomst in het Literatuurmuseum (nog nog Letterkundig Museum) op 31 mei 1991, tien dagen na de sterfdag van de naamgever van de prijs, de dichter P.C. Hooft. Eybers bedankte in het Zuid-Afrikaans – ‘die taal van my verse’ – haar Nederlandse lezers, ‘wat my en my taal so ruimhartig aanvaar’. Pierre H. Dubois benadrukte in zijn feestrede nogmaals het Nederlands burgerschap van Eybers, waardoor ze, geheel terecht, de P.C. Hooft-prijs mocht ontvangen. 

 

De teksten van de feestrede, het dankwoord van Elisabeth Eybers en het volledige juryrapport zijn gebundeld in Elisabeth Eybers P.C. Hooft-prijs 1991, uitgegeven door de Stichting P.C. Hooft-prijs en uitgeverij Querido.

 

 

Lees verder op literatuurmuseum.nl

  • In 1956 schrijft Elisabeth Eybers een brief naar uitgever Geert van Oorschot, die ze nog niet persoonlijk kent. Het is de start van een intieme correspondentie. Thomas Heerma van Voss las de ontroerende brieven en zag de liefde komen – en gaan. Lees het artikel.

  • Dit portret van Elisabeth Eybers door kunstenaar Lia Laimböck combineert een realistische weergave van Eybers’ gezicht met een mozaïek van kleuren. Het goud om het hoofd geeft licht: is het de waardering of de zon uit haar geboorteland? Bekijk het portret in de Schrijversgalerij.

 

 

Credits portretfoto: Edith Visser