Atypisch omdat dit een spannend boek is, dat voortgedreven wordt door het levensverhaal van de schilder. Kooiman had hem uitgebreid geïnterviewd en het boek leest alsof het in één keer op papier geknald is. De vanzelfsprekendheid van het vertellen is een grote stilistische prestatie, maar het succes van dat boek moet hem haast wel dwars gezeten hebben.
Kooiman was namelijk geen verhalenverteller; het verhaal was voor hem een concessie aan het schrijven die als kiespijn gemist kon worden. In 1977 omschreef hij vlijmscherp zijn literatuuropvatting in een interview met Sjoerd Kuyper en Johan Diepstraten: ‘Het verhaal wordt corrupt op het moment dat er sprake is van inhoud, het volmaakte verhaal is het lege verhaal.’ Het succes van Montyn was dan ook verwarrend, en het zou lang duren voor hij een volgende roman zou voltooien, wat bijdroeg aan de faam van Montyn als magnum opus.
