Elke maand de nieuwste verhalen lezen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief
‘Ik klaag niet, ik klaag aan.’ Onder mijn handen liggen tientallen knipsels uit kranten en tijdschriften uit de vroege jaren ’90, artikelen en essays geschreven door Anja Meulenbelt. De 81-jarige schrijfster, politica en activist is een icoon, bekend bij iedereen die ooit het woord ‘feminisme’ heeft uitgesproken. In mei neemt ze de P.C. Hooft-prijs in ontvangst voor haar gehele oeuvre.
Ik glij met mijn vingers over het ruwe krantenpapier. Haar productie is overweldigend, ze schreef ontelbaar veel stukken, en daarnaast publiceerde ze sinds 1975 ook haast ieder jaar een boek, soms meerdere. De afgelopen tijd was ik verzonken in De schaamte voorbij (1976), de feministische klassieker die ik tot mijn schande nog nooit had opgepakt. Ik had verwacht een essayistisch boek te lezen vol terminologie en verwijzingen naar andere feministische literatuur, een zorgvuldig afgewogen betoog tegen het keurslijf van de huisvrouw. Maar ik werd meegesleurd in het emotionele leven van een vrouw die zo wild en met een enorme stootkracht kan vertellen dat ik haar bloed haast in mijn mond proefde.

