Elke maand de nieuwste verhalen lezen? Schrijf je in voor de nieuwsbrief
In het Literatuurmuseum hoor ik voor het eerst over De zaak Beukenoot. Mijn hart maakt een sprong, want die titel klinkt als een album uit de Kuifje-reeks, ongetwijfeld door de overeenkomst met een van mijn favorieten – De zaak Zonnebloem. Bladerend door de stapel aan recensies en bespiegelingen, kom ik er al snel achter dat de novelle niets te maken heeft met het werk van de tekenaar Hergé. Die avond waag ik me aan De zaak Beukenoot, een novelle die ongeveer zeventig pagina’s telt.
Op het moment van publiceren is het nog onbekend wie de auteur is. De zaak Beukenoot is de winnende inzending van de wedstrijd die de CPNB uitschreef voor het Boekenweekgeschenk van 1950. De auteur kreeg 2000 gulden als prijs.
Destijds werd het geschenk jaar na jaar op deze manier gekozen. De kwaliteit van de inzendingen lag gemiddeld hoog – het Boekenweekgeschenk was een proeve van bekwaamheid en veel erkende auteurs waagden een poging, de meesten meer dan eens.
