‘Wie zich erg vreemd gedraagt, dient ook urine in te leveren’: de Tour de France-pool van Wim Hofman

In het archief liggen de Tour de France-voorspellingen van kinderboekenmaker Wim Hofman. Eind jaren tachtig hield hij samen met zijn familie de koers nauwgezet in de gaten. Roman Helinski bekijkt de zelfgemaakte krantjes, waarin resultaten worden besproken en verdachtmakingen tegen winnende familieleden worden geuit.

Voor me liggen twee Tour de France-krantjes, samengesteld door de zogenoemde ‘voorspellersbond’ ook wel afgekort tot VOBO. Op de linker, met pen gedateerd op 9 september 1989, staat gedrukt: PZC, de Provinciaalse Zeeuwse Courant. Eveneens met pen staat erachter geschreven: Alternatief (maar niet heus). In kringen van de Vlissingse familie Hofman staat de krant ook wel bekend als de Vobosche Courant, waarin gepoogd wordt een jaarlijkse voorspelling van de Tour de France te organiseren. 

 

Wim Hofman met fiets op een duinpad in Vlissingen, 1953. Collectie: Literatuurmuseum

 

Bekijk het zelfportret van Wim Hofman in de Galerij

De krantjes zijn opgenomen in het archief van kinderboekenschrijver en illustrator Wim Hofman (1941). Winnaar van twee Gouden Griffels en een Gouden Penseel en laureaat van de Max Velthuijs-prijs en de Theo Thijssen-prijs. Hij schreef boeken als Zwart als inkt en Het vlot. In deze laatste semi-autobiografische jeugdroman groeit de jonge Wim op in Zeeland vlak na de oorlog, tussen kapotgeschoten huizen. Hij wil vluchten en besluit een vlot te bouwen, maar de bouw daarvan schiet niet op, erger nog, het loopt allemaal in de soep. Hofman heeft een beeldende, sterke stijl. Nonchalant en grappig. Zijn illustraties bieden een inkijk in zijn boeiende hoofd. De drukste illustraties, vol kapotgeschoten machines erop en wat al niet meer, zijn uiterst vermakelijk. Dat is geen toeval, want Hofman is ook beeldend kunstenaar en heeft al zijn boeken zelf geïllustreerd. Online vind ik schilderijen van vrolijke vliegmachines en illustraties van tovenaars op brommers. 

In de VOBO-krantjes komt een soortgelijke lichtvoetigheid terug. Het zijn verslagen van het pooltje dat Wim Hofman organiseert onder familie en vrienden. Pagina’s vol grapjes en uitslagen, met tussendoor kleine illustraties. ‘Wekenlang wordt uitgekeken naar dit onvoorspelbare krantje,’ aldus de hoofdredactie. In de artikelen worden de resultaten besproken en verdachtmakingen tegen familieleden geuit, zoals we dat allemaal doen wanneer we zijn verwikkeld in een spel met vrienden en familie. Op de tweede pagina lees ik een klinkende waarschuwing: ‘wie zich erg vreemd gedraagt, dient ook urine in te leveren’.

 

De toon is steeds schertsend, speels, maar de teksten zijn met aandacht geschreven. Zo is het voorpaginanieuws dat ene A.H. uit Maastricht de uitslag ‘naar zich toe’ heeft getrokken. 

 

Op een zonovergoten terras las ik de krant; de zon plette mien kop van de hitte, m’n keel was droog en ik zag tabellen en de getallen draaide voor m’n ogen. Het was zo’n  dag om snel te vergeten, ware het dat we in Nederland wonen en dat het bijna nooit zulk weer is. Een dag ook waarvan je vantevoren vermoed; er moet iets fout gaan. Ik las beteuterd in die Vobosche Courant en stelde verbitterd vast dat ik weer te eerlijk en te bescheiden was geweest. […] En toen zag uw verslaggever het licht, de fata-morgana, de koele dronk, de dampende regen en uiteindelijk de … waarheid! Heer A.H. heeft de totale punten bij elkaar opgeteld en niet de uiteindelijke stand per klassement. NATUURLIJK!!! Zo win je twee keer!  

 

Afgaande op de namen die ik lees in de ranglijsten, doen er bijna net zoveel mannen als vrouwen mee. De krantjes staan vol met bijdragen van familieleden die meedoen aan de pool – jong en oud.

 

De krantjes uit het archief stammen precies uit de periode waarin ikzelf de Tour de France ben gaan kijken (1989-1990). De race stond thuis de hele zomer op, omdat mijn vader inschakelde. Ik was het enige kind dat meekeek. Al zijn opmerkingen over de koers leken voor mij bestemd. Op onze Franse zomervakantie namen we een tv’tje mee, dat we installeerden in de voortent van de caravan. Mijn vader en ik keken de bergritten die ertoe deden, terwijl mijn moeder en zussen naar het strand gingen. Onvergetelijke momenten, die me voor de duur van een etappe dichter bij mijn vaak afwezige vader brachten. 

 

De mislukkingen die me zo overkomen, worden me nog maanden ingewreven door vrienden. Precies op dezelfde toon als Wim Hofman zijn familieleden en zichzelf de maat neemt in de krantjes

 

Een pooltje hebben hij en ik nooit bijgehouden, ik wist destijds niet dat zoiets bestond. Tegenwoordig ben ik jaarlijks verwikkeld in zo’n pool. Met goede vrienden. Ik bestudeer etappes, en bekijk in het routeboek zelfs het reliëf van de specifieke aankomsten, ook luister ik naar podcasts zoals De Rode Lantaarn en In de waaier voor specifieke kennis. Tegen de tijd dat de start voor de deur staat, heb ik zoveel informatie verzameld dat ik op het laatste moment door de bomen het bos niet meer zie en in paniek begin te gokken. De mislukkingen die me zo overkomen, worden me nog maanden ingewreven door vrienden. Precies op dezelfde toon als de familie van Wim Hofman zichzelf de maat neemt in de krantjes.

 

Uitsnede van de Vobosche Courant uit 1990. Collectie: Literatuurmuseum

 

De Vobosche Courant uit 1990 verschijnt tijdens het WK voetbal in Italië. De voorpagina opent met een dringende oproep om snel de selecties van renners voor de komende Tour de France door te geven. Verderop in het blad prijkt de kaart van Frankrijk, met ingetekend de route die de renners de komende drie weken gaan afleggen. Daaromheen staan tabellen die betrekking hebben op het WK voetbal, zoals het einduitslagen-klassement en het groepswinnaars-klassement. Ook hier is een familie-pooltje voor opgezet. 

In een aanverwant document, getiteld ‘Vobosche Nieuwsbrief’, keert de redactie terug bij zijn passie: de regels voor de aankomende Tour worden uitgelegd. Spelers leggen allemaal ‘een prijsje’ in, de jury doet de belofte sneller dan het voorgaande jaar de uitslag te communiceren. Binnen een week na de finish in Parijs. De verdere nauwkeurig neergeschreven, eigenzinnige regels van wat familie Hofman ‘De Tour de Force’ noemt, laat ik onbenoemd. Al put ik er zeker inspiratie uit voor mijn eigen pooltje met vrienden. De laatste documenten uit het archief bestaan uit harde gegevens, deelnemerslijsten enzovoorts. Zonder grapjes dit keer, maar met hier en daar wel nog een vrolijke illustratie ertussen.  

 

In deze krantjes zie ik meer dan alleen liefde voor de Tour de France. De moeite die erin is gestoken, is de moeite van iemand die het belangrijk begrijpt van verbinden. Het jaarlijks samenbrengen van familie en naaste vrienden. Ik vraag me af of de familie Hofman nog steeds elke juli een tour-pooltje invult. En ik hoop dat Wim Hofman de race die vorige week is gestart in Barcelona op zijn hoge leeftijd nog een beetje volgt. 

Wat mijzelf betreft, ik bungel halverwege de Tour in mijn eigen pooltje alweer hopeloos onderaan.