F. Starik: ‘Mijn hobby is aquariumhouden’
In 2019 woonde ik bij toeval een concert bij van de Mexicaanse La Bruja de Texcoco. Nog voor het optreden begon, zette de zangeres een jaguarmasker op, nam een hijs van een sigaret, en blies de rook door de mondopening. In de korte stilte sloeg de sfeer om, stonden we niet langer in een concertzaal, maar in een oerwoud. Het was een openbaring.
Die week kocht ikzelf verschillende maskers: een oogmasker dat uit kleine spiegels bestaat, een pestmasker en een plastic maan. Ik had er geen concreet plan bij, maar ik wist dat ze me zouden helpen om het podium op te gaan. Iets wat me anders maakte, iets waardoor direct duidelijk was: dit ben ik niet, dit is de Kunstenaar.
Het is al moeilijk genoeg om je als schrijver een houding te geven achter een microfoon. Je hebt de tekst geschreven, daarmee zou de kous af moeten zijn. Sommige schrijvers kunnen best aardig voorlezen, maar we zijn geen acteurs, we bespelen geen instrumenten en kunnen niet zingen. Waarom zou de spotlight zich op ons richten? Wat moeten we met die volle zaal?


